Van der Hoek
Kwartierverhalen

Generatie 9 — Detail

Generatie 9 (oud-betovergrootouders)

a) VAN DER HOEK-kwartier (Friesland)

  1. Sierd Tammes, geb ca 1660 te Rottevalle (geen doopmelding), boer, tr donderdag 23-12-1683 te Opeinde met
  2. Baukje (Bauck) Freerks, gedoopt Opeinde 29-4-1665.

Zie bij Freerck Harckes (kw 514) over dopen van zijn dochters Hinke en Bauk, vóór de kerkelijke bevestiging (Hervormde Gemeente) van zijn huwelijk met Taapke Tjallinghs (kw 515)

Doopmeldingen voor kinderen van Sierd en Baukje ontbreken.

Freerk Sierds (kw 128), tr 22-3-1711 kerk Oudega, Frerck Sjierdts, Zwartveen, Bauck Karstis, Zwartveen. Taapke Sierds, tr 15-8-1711 kerk Oudega, Rinse Andries, Zwartveen, Taab Sjierdts, Zwartveen. Twee doopmeldingen in register Oudega: 5-1-1713 Jannes en 18-3-1714 Jacob, zonen van Rinse Andries. Op 16-5-1669 laat Johannes Andrys te Opeinde 2 zonen tegelijk dopen: Andrys en Rense. Naam moeder niet vermeld, maar hoogstwaarschijnlijk gaat het om Trijntje Rinses. Huwelijk Oudega 9-9-1664: Johannes Andries en Trijntje Rinses, beiden Oostermeerderveen. “Op verklaringe van Johannis Andries”, de vader, wordt in trouwregister Oostermeer 10-4-1698 huwelijk van Rintze Johannes en Trijntie Eelses ingeschreven. Als Rinse, Rinse Andries geschreven, in 1711 met Taapke trouwt, zal dit voor hem tweede huwelijk zijn geweest en is hij 42j oud. Misschien ook: Tryn Sjoerds, doop 5-5-1689 Opeinde, dv Sjoerd Tammes. Jacob Sierds, mogelijk een jongere of jongste zoon, geboren te Witveen. Hij trouwt begin 1728 (eerste proclamatie 11-1-1728): Jacob Sierds, Zwartveen, Lolckjen Jans, Eestrum. Quotisatie 1749: een Jacob Sierds te Surhuisterveen (Achtkarspelen, FR), sobere boer, gezin van 6 personen waarvan 3 jonger dan 12, aanslag 18 Cgld 18 stuivers, en een Jacob Sierds te Oldeboorn (Utingeradeel, FR), gezin van 4 personen ouder dan 12, aanslag 37 Cgld 5 stuivers. Nog aan te vullen.

  1. Karst Jochems, geb ca 1640 te Rottevalle, veenbaas en boer, ovl ca 1687, tr ca 1660 met
  2. Grietje Sydses, geb ca 1640 te Zwartveen, na overlijden van Karst tr zij (2) met de weduwnaar Tamme Thysses (kw 512), Grietje ovl na 1708 te Rottevalle.

Uit huwelijk van Karst en Grietje: Bauck Karstes (kw 129), tr 22-3-1711 met Freerck Sierds (kw 128), kleinzoon van Tamme Thysses Klaas Karsten - eind december 1718 trouwt Klaas Karsten, Zwartveen te Makkum (Wonseradeel, FR) met Yttie Hobbes, Makkum (eerste proclamatie te Oudega 5-12-1718). Mogelijk was het een schippers-huwelijk. Folku Carsten, geb Rottevalle ca 1682, doop op belijdenis 15-5-1707, ovl Zwartveen 1718, ca 35j, gehuwd, tr Oostermeer 21-3-1706, zij 23, hij 21, met Jouke Roels, veenbaas/boer (Jouke tr (2) 29-5-1718 te Oudega met Antje Jouckes), zv Roelof Rintses en Rintske Jouckes.
— Hoewel huwelijk van Folku/Folkje en Jouke slechts 12 jaar mocht duren, leverde het wel 7 kinderen op (doopregister Opeinde): - 1. Hincke doop 19-12-1706. – 2. Carst doop 24-2-1709. – 3. Jochem (geen doopmelding). – 4. Jouck doop 7-6-1711. – 5. Aaltje doop 5-11-1713. – 6. Roel doop 8-3-1716. – 7. Melle doop 25-3-1718.
— De zoon Jochum Joukes, geb ca 1709 te Zwartveen, veenbaas aldaar en later werkzaam te Gersloot (Aengwirden, FR), tr begin 1734 (eerste proclamatie 3-1-1734 Opeinde: Jochum Joukes, Zwartveen, Wietske Jelles, Zaandam), wordt niet in doopregister vermeld. Suggestie: mogelijk wel, maar dan als Carst (bedoeld: “Carst Jochums” naar de vader van Folku). Jochum Joukes tr ca 25j oud, met Wietske Jelles, 21j oud, gedoopt Drachten 20-4-1712, ovl Aengwirden 1794, dv Jelle Foakes en Grytsje Jans. Bij inschrijving in trouwregister (1734) wordt zij vermeld als afkomstig van Zaandam. Mogelijk was zij daarheen als heel prille jongemeid “uitbesteed”. Door huwelijk met Jochum wordt zij dan verlost van Zaandam.
— Uit huwelijk van Jochum Joukes en Wytske Jelles zijn 6 kinderen bekend, hoewel slechts 3 dopen: - 1. Pooyke, doop 12-4-1734. – 2. Jouke. – 3. (de naam vergeten), doop 26-1-1738. – 4. Grietje, doop 7-2-1740. – 5. Imkje. – 6. Jelle (geb Gersloot ca 1748). Het is moeilijk na te gaan waarom de hiaten in het doopregister zijn ontstaan. Wel gemelde “Pooyke” in 1734 (vanwaar die naam?) en doop 1738 “de naam vergeten”. Was de dominee aan het dementeren en hield hij het doopregister slordig bij? Die mogelijkheid is niet uit te sluiten. Bij Quotisatie van 1749 wordt Jochum Joukes te Gersloot (Aengwirden FR) vermeld als arbeyder, gezin van 7 personen waarvan 4 kinderen jonger dan 12 (aanslag 28 Cgldn 16 stuivers).
— Binnen ons bestek nog te melden dat van Folku Carstens de kleinzoon Jouke Jochems zich bij de naamaanneming van 1811 te Luxwoude meldt als Jouke Jochems HOFSTRA en van hem uit volgt uitgebreide HOFSTRA-genealogie. En dat de kleindochter Grietje Jochums ca 1767 te Gersloot trouwt (haar tweede huwelijk) met Jan Annes. Zij overlijdt 26-7-1808, 68j oud, Jan Annes ovl 30-9-1821 te Luxwoude (grenzend aan Gersloot, maar in Opsterland, FR, gelegen), 80j oud, weduwnaar. Aan de naamregistratie van 1811 doet hij niet mee, maar erna wordt de familienaam VOOLSTRA gebruikt voor hem en zijn kinderen uit het huwelijk met Grietje Jochums (VOOLSTRA-genealogie).

  1. Jeen Rintses, geb 1650/60 te Terwispel, zoon van Rintse Rienks en Wietske Jalkes (Jelkes, Jolkes), boer te Lippenhuizen stem 28 (in1698), ovl voor 1714, trouwt ca 1675 met
  2. Eeuw Jolderts, geb 1657, ovl voor 1728, dochter van Jollert Tjeerds.

Vader Rintse Rienks (Rintje Riencx) in 1640 gemeld als eigenaar voor 1/3 van de plaats Terwispel stem 9 en als gebruiker voor het geheel. In 1698 zijn de erven van Rintse eigenaar voor 5/13de deel en zijn de zonen Wytse en Jolcke gebruiker. Jeen Rintses boert (1698) te Lippenhuizen op (deel van) de stemhebbende plaats 28. Hij overlijdt voor 1714. In 1728 is zijn oudste zoon Rinse Jeens boer op Terwispel stem 9 (gebruiker voor het geheel, eigenaar voor 55/338ste deel). Weduwe Eeuw Jolderts wordt in 1718 genoemd als boerin (gebruikster) op Terwispel stem 11. Die plaats was in 1698 eigendom van Giel Folkerts (tevens de gebruiker) die in 1698 ook wordt genoemd als curator voor de (minderjarige) broers Egbert Ruirds en Folkert Ruirds, erfgenamen voor 2/3 van Lippenhuizen stem 28. De plaats waar Rinse en Eeuw voor 1714 hun bedrijf hadden. Na overlijden van Rinse gaat Eeuw naar Terwispel. Mogelijk relatie met Giel? Lippenhuizen stem 28 is 1728 eigendom van Ruird Folkerts voor 2/3 en de gezusters Saap en Bontje Girbes voor samen 1/3. Gebruikers: Pyter Sytzes en Rink Eiles. Terwispel stem 11 is in 1728 in eigendom van Jacob Ypes (gebruiker Cornelis Jacobs).

Stemkohier 1698 Terwispel (Opsterland) Stem nr. 9. Zakelijk gerechtigden: Patroon van Terwispel eigenaar voor 8/13 - Jeen Rintses, als erfgenaam van Rintie Riencx, eigenaar, - Fedde Rintses kinderen, als erfgenamen van Rintje Rienks/Rintie Riencx, eigenaar, met familie, voor 5/13 - Jorryt Rintses, als erfgenaam van Rintie Riencx, eigenaar - Wytse Rintses, als erfgenaam van Rintie Riencx, eigenaar en gebruiker - Jolcke Rintses, als erfgenaam van Rintie Riencx, eigenaar en gebruiker. Stemkohier 1698 Lippenhuizen (Opsterland) Stem nr. 28. Zakelijk gerechtigden: Bijzitter Tjeerd Oedsma, eigenaar voor 1/3 - Egbert Ruirds, eigenaar, met broer Folkert Ruirds, voor 2/3 Opm. Curatoren: Girbe Mintses en Giel Folkerts. Jeen Rintses, gebruiker - Hendrik Lammerts, gebruiker.

Kinderen uit huwelijk van Jeen Rintses en Eeuw Jolderts (geen doopmeldingen):

Rinse Jeens, geb ca 1675, boer te Terwispel. Mogelijk eerst te Lippenhuizen. Vader Jeen had daar bedrijf (1698) op stem 28 (pachtboer) en was vanuit familiebezit (erven Rintse Rienks) mede-eigenaar van Terwispel stem 9. In 1728 wordt Rinse Jeens gemeld als gebruiker (deels eigenaar) van Terwispel stem 9. Geen melding van huwelijk.
— Terwispel stem 9 was steeds voor 8/13de deel eigendom van de kerk (patroon van Terwispel) en voor 5/13de deel van de Rintse Rienks-familie die er boerenbedrijf hadden. In 1728 is Rinse gebruiker voor het geheel en eigenaar voor ca 40% van het familiedeel (55/338ste deel). Zijn oom Jorryt Rintses cum sociis (“de kleine partjes”) wordt dan genoemd als vertegenwoordiger voor de rest van het familiedeel (75/338ste deel).
— Rinse Jeens en zijn moeder Eeuw Jolderts gemeld in 1714 als borgen voor Joldert Jeens (kw 130), zijn jongere broer. Tjeerd Jeens, geb ca 1675. Geen melding van huwelijk. Vermeld als boer en kerkvoogd. Voogd over de wezen Tiebbe Ybles (Aebles) en Corneliske Jans.
— In 1698 (stemkohieren) melding van een Tjeerd Jeens als boer/ gebruker op plaats Lippenhuizen stem 39 (eigendom van commies Petrus POUTSMA, eigenaar namens diens kinderen) en als eigenaar en gebruiker van 1/6 deel van Terwispel stem 29. In 1728 (stemkohieren) wordt weer een Tjeerd Jeens vermeld als boer/ gebruiker van Lippenhuizen stem 39 (dan eigendom van ontvanger Everhardus WIELINGA, namens diens kinderen) en als eigenaar en gebruiker van 1/6 deel van Terwispel stem 29. Mogelijk steeds dezelfde Tjeerd Jeens. Maar misschien ook niet. Joldert (Jaldert) Jeens (kw 130), gehuwd ca 1710 met Jinke Feddes (kw 131). Wytske Jeens, geb ca 1680, gehuwd (1) met Aeth Ypes, gehuwd (2) met Lieuwe Feddes, broer van schoonzus Jinke.
— In enkele gepubliceerde kwartiertstaten of parentelen (internet) wordt Wytske genoemd als tweede echtgenote van de weduwnaar Fedde Lieuwes (kw 262), vader van Jinke en Lieuwe. De gegevens zijn schaars, dus mogelijk vergissing. Huwelijk van Wytske Jeens (weduwe ca 30j oud) met Lieuwe Feddes na 1707 lijkt me meer waarschijnlijk.
— Volgens meldingen had Wytske uit eerste huwelijk 2 dochters: Fokje en Hiltje Ypes. Kinderen uit tweede huwelijk niet aangegeven (gedoopt). Een zoon Fedde Lieuwes lijkt minstens aannemelijk. Nog aan te vullen.

  1. Fedde Lieuwes, geb ca 1650, ovl Lippenhuizen voor 1713
  2. n.n. (naam van deze oudbetovergrootmoeder niet gemeld)

Kinderen uit het huwelijk: Jinke Feddes (kw 131), geb ca 1685 te Lippenhuizen. Lieuwe Feddes, die het boerenbedrijf van zijn vader na diens dood voortzet (in 1728 vermeld). Bij Quotisatie 1749 geen melding van een Lieuwe Feddes, hij is mogelijk eerder overleden. Geen doopmeldingen uit zijn huwelijk met Wytske Jeens (doopsgezind), voorzover het waar is dat hij na 1707 met Wytske trouwde.

Fedde Lieuwes (1698) en na hem zoon Lieuwe Feddes (1728) zijn boer op de stemhebbende plaats Lippenhuizen stem 41, eigendom van de Opsterlandse grietman Lycklama à Nijeholt. Stemkohier 1698 Lippenhuizen (Opsterland) Stem nr. 41. Zakelijk gerechtigden: De heer Augustinus Lycklama � Nijeholt, grietman over Opsterland, eigenaar Fedde Lieuwes, gebruiker. Stemkohier 1728 Lippenhuizen (Opsterland) Stem nr. 41. Zakelijk gerechtigden: De heer Augustinus Lycklama � Nijeholt, oud-grietman over Opsterland, eigenaar, Lieuwe Feddes, gebruiker.

  1. Wolter Anskes, geb ca 1630 te Katlijk (Schoterland, FR), boer aldaar, ovl na 1698. Gehuwd met
  2. n.n.

Uit dit huwelijk: Jan Wolters (kw 132)

Wolter Anskes wordt in 1698 genoemd, hij is dan bijna 70j oud, als eigenaar en gebruiker van plaats nr 13 te Katlijk en als gedeeltelijk eigenaar van plaats nr 14. Zoon Jan Wolters (kw 132) daarna op dezelfde plaatsen vermeld als boer en dorpsrechter (1724). Stemkohier 1698 Katlijk (Schoterland) Stem nr. 13. Zakelijk gerechtigden: Wolter Anskes, eigenaar en gebruiker Stemkohier 1698 Katlijk (Schoterland) Stem nr. 14. Zakelijk gerechtigden: Ebele Gerbens, eigenaar - Jannis Nitterts, eigenaar - Klaes Ansckes, eigenaar - Roelof Sakes, eigenaar - Wolter Anskes, eigenaar - Tjebbe Jochums, gebruiker

  1. Jelle (Roelofs?) 267. Ouders van: Jantjen Jelles (kw 133), gehuwd met Jan Wolters (kw 132)

Relatie met Jelle Roelofs als vader van Jantjen Jelles nog onvoldoende gedocumenteerd. Genoemde Jelle Roelofs was boer te Katlijk, naburig aan Wolter-gezin.

  1. Luitjen Coenes, geb ca 1650, boer en stelling (dorpsrechter) te Donkerbroek (Ooststellingwerf FR) 269.

In de Stemkohieren 1698 wordt stelling Luytjen Koenes vermeld als eigenaar en gebruiker van de boerderij met stem nr 37 te Donkerbroek en als gebruiker van de boerderij met stem nr 38, die eigendom is van Augustinus Lycklama Nieholt, de grietman van Opsterland.
— Daarnaast is Luytjen Koenes ook deels eigenaar van stemhebbende boerderijen te Jubbega-Schurega (Schoterland FR, op enkele kilometers afstand van Donkerbroek: Stemkohier 1698 Jubbega en Schurega (Schoterland) Stem nr. 17. Zakelijk gerechtigden: Bate Meines, eigenaar voor 1/2, gebruiker voor 't geheel Luytjen Koenis, eigenaar voor ½ Stemkohier 1698 Jubbega en Schurega (Schoterland) Stem nr. 18. Zakelijk gerechtigden: Anna Frankena, eigenaar - Harmijntie Frankena, eigenaar - Bate Meines, eigenaar voor 1/8 - Luytjen Koenis, eigenaar voor 1/8 - Luytjen Koenis te Donkerbroek, eigenaar voor 1/8 - Joachimus Frankena, eigenaar, met zusters, voor ½ - Jolle Sybes kinderen te Nieuwehorne, eigenaar voor 1/8. De naam van voormoeder kw 269, echtgenote van Luitjen, nergens vermeld gevonden. Een mogelijkheid is dat de eigendomsaanspraken te Jubbega-Schurega door haar zijn ingebracht en dat zij een zuster (of schoonzuster) was van genoemde Bate Meines.

Luitjen Coenes is 30j later nog in leven (stemkohieren 1728), maar inmiddels hoogbejaard. De boerderij te Donkerbroek met stem nr 37 is voor 1/5 eigendom van zoon Coendert Luitjes en voor 4/5 van vader Luitjen. Coendert is gebruiker voor ‘t geheel.
— Gebruik van boerderij met stem nr 38, eigendom van de Opsterlandse grietman, is beeindigd maar eigendom van boerderij met stem nr 35 inmiddels verkregen. Volgens stemkohier is vader Luitjen ook hier eigenaar voor 4/5 en zoon Coendert voor 1/5, terwijl Albert Florus gebruiker is.
— Gebruiker van de boerderij met stem nr 18 te Jubbega-Schurega is inmiddels de jongere zoon Geert Luitjens (kw 134) geworden. De aanspraken te Schurega blijven gedeeld met anderen: Stemkohier 1728 Jubbega en Schurega (Schoterland) Stem nr. 18. Zakelijk gerechtigden: T. van Heloma kinderen, eigenaar - Jochem Frankena, eigenaar, met familie, voor ½ - Saake Baartes cum soc., eigenaar voor 1/6, en cum soc. voor nog 1/6 - Anna Frankena, eigenaar - Luitjen Coenes, eigenaar voor 1/6 Geert Luitjens, gebruiker Stemkohier 1728 Jubbega en Schurega (Schoterland) Stem nr. 17. Zakelijk gerechtigden: Luitjen Coenes, eigenaar voor 1/6 - Saake Baartes, eigenaar – Jan Bartels kinderen, eigenaar – Hessel Franses kinderen, eigenaar - Broer Johannes kinderen, eigenaar voor 1/6 - Jan Dirks, uit naam van zijn vrouw, eigenaar, met anderen, voor 2/3, en gebruiker voor 't geheel.

Gerben Luitjens (kw 134) is later ook dorpsrechter te Schurega, zoals zijn vader stelling was te Donkerbroek. Door ontbreken van (kerk-)registers diverse onzekerheden. Geboorte/doop van Gerben bijvoorbeeld niet bekend. Broer Coendert mogelijk Coene, doop 11-10-1682 te Oosterwolde (Ooststellingwerf FR), zv Luytjen Coenes stelling en nn.

PM: Coene, doop 10-9-1673 Oostermeer-Eestrum (Tietjerksterdadeel FR), zv Luitjen Coenes, naam van de moeder niet vermeld, “de vader is afkomstig van Donkerbroeck”.
— Coene, doop Donkerbroek 10-1-1675, zv Luytien Coenes stelling, naam van de moeder niet vermeld.
— Coene, doop Oosterwolde 11-10-1682, zv Luytien Coenes stelling, naam van de moeder niet vermeld.

Bij Quotisatie 1749: Coene Luitjes, boer te Donkerbroek, gezin van 6 personen ouder dan 12, aanslag 60 Cgldns 3 stuivers; Geert Luitjens, huisman te Schurega, gezin van 6 personen ouder dan 12, aanslag 52 Cgldns, 14 stuivers. Nog aan te vullen.

  1. Gerben 271. Ouders van: Hiltje Gerbens (kw 135)

  2. Jan Rykels (Rijkles, Riekeles, Rykolts), geb ca 1670, boer te Oudeschoot, ovl ca 1756 te Bovenknijpe, geweesen boer, ca 85j oud, gehuwd voor 1696 met

  3. Jantjen Hendriks, geb ca 1670, ovl 10-3-1758 te Oudeschoot, ca 88j oud.

Ouders van: Libbe Jans (kw 136)

Geen trouwregister bewaard van huwelijk. Wel register van dopen betreffende zes kinderen uit het huwelijk: Trijntje, doop 18-10-1696 Oudeschoot Tettje, doop 16-6-1700 Oudeschoot Aafke, doop 1707 Oudeschoot (geen maand of dag gemeld) Hendrikje, doop 1-11-1709 Oudeschoot Libbe Jans (kw 136), 1-1-1714 Oudeschoot Cout, 18-4-1717

Een gezin met dochters. De LIBBE-vernoeming van de laat geboren zoon Libbe sluit niet aan bij de namen van grootouders. Waren er eerdere zonen, zoals Rykle of Hendrik? Libbe Jans staat gemeld in doopregister Herv Gem Oudeschoot als geboren 1-1-1714.

Bij QuotIsatie 1749 wordt een Jan Rykels gemeld te Bovenknijpe als geweesen boer, gezin van 3 personen ouder dan 12 (aanslag 36 Cgldns). Stemkohier 1698 Oudeschoot (Schoterland) Stem nr. 10. Zakelijk gerechtigden: Vicarie van Oudeschoot eigenaar Jan Rykolts, gebruiker. Stemkohier 1728 Oudeschoot (Schoterland) Stem nr. 18. Zakelijk gerechtigden: De heer Martinus van Scheltinga, eigenaar van de stem, samen met Cornelius van Scheltinga, ingevolge testament van Daniel de Blocq van Scheltinga en Martha van Kinnema Oud-kolonel Cornelius van Scheltinga, eigenaar van de landen, het stemrecht gemeenschappelijk met Martinus van Scheltinga Jan Rykholts, gebruiker. Ook andere meldingen.

  1. Bonne Romkes, huisman (boer) te Oudeschoot, geb ca 1690, ovl na 1749
  2. n.n. Stemkohier 1728 Oudeschoot (Schoterland) Stem nr. 20. Zakelijk gerechtigden: Commanderij (van de Duitse Orde), eigenaar Bonne Romkes, gebruiker Mogelijk ouders van: Martjen Bonnes (kw 137) Bonne Romkes komt in doopregister Herv Gem Oudeschoot tweemaal voor als vader van een dopeling: Martjen 13-8-1715 Jan 12-11-1717. Bij Quotisatie 1749 is Bonne Romkes te Oudeschoot als huisman gemeld, gezin van 3 personen ouder dan 12 (aanslag 23 Cgldns 15 stuivers).

  3. Hendrick 277. Ouders van: Aitse Hendricks (kw 138) Deze voorouderslijn niet meer goed terug te vinden.

  4. Rinke Jans

  5. Lysbeth Ruurds (Riurds) Ouders van: Auk (Acke) Rinkes (kw 139) Deze voorouderslijn mogelijk nog wel ietsje terug te documenteren. Met twijfels over juiistheid.

  6. Jan Wolters = 132

  7. Jantjen Jelles = 133

  8. Geert Luitjens = 134

  9. Hiltje Gerbens = 135

  10. Wybe Elerts (Wybe Eelards), gedoopt te Terhorne 9-11-1704, trouwt 21-6-1729 te Irnsum (beiden uit Irnsum) met

  11. Diuke Pyters (Djoeke, Dieuwke)

Uit dit huwelijk een eerste kind Elert, doop Akkrum-Terhorne 15-1-1730, jong overleden, vervolgens (doopregister Rauwerd-Irnsum): Pieter (Pyter) Wybes, doop 3-6-1731. Elert Wybes (kw 156), doop 2-9-1732, tr 13-5-1758 met Lolkje Pieters (kw 157). Wimke Wybes, doop 26-12-1733, trouwt 22-5-1763 te Rauwerd met Wiltje Wybes (Wilke), arbeider. Uit het huwelijk: (1) Aafke, geb 17-12-1764, doop 23-12-1764. (2) Wybe, geb 11-5-1777, doop 18-5-1777.

Bij Quotisatie van 1749 wordt Wybe Elerts niet meer vermeld. Bij naamregistratie van 1811 laten zonen van Elert Wybes (kw 156) de naam VAN DER WERF registreren, die al voor 1811 voor hen in registers is aan te treffen.

Noot: Bij naamregistratie van 1811 meldt zich te Akkrum Pieter Wybes VAN DER WERF. Deze overlijdt 20-7-1818 op de leeftijd van 73j (volgens de aangifte). Zoon Pieter Wybes van Wybe Elerts zou in 1818 87j oud zijn geweest. Genoemde Pieter Wybes VAN DER WERF werd in 1744 te Akkrum geboren (doop 23-7-1744) als zoon van Wybe Jelles. Naam van de moeder in doopregister niet genoemd, huwelijk van Wybe Jelles niet geregistreerd. Wybe Jelles laat als vader te Akkrum dopen: Ycke 20-3-1740, Ycke 14-1-1742, Pieter 23-7-1744, Gerryt 30-1-1746, Antje 10-12-1747. Je zou zijn naam bij Quotisatie van 1749 verwachten: zijn naam ontbreekt. Was “Wybe Jelles” mogelijk een andere schrijfwijze voor “Wybe Elerts/Jelerts/Jellers”? Het lijkt me sterk.
— De in 1811 optredende Pieter Wybes VAN DER WERF te Akkrum had een eerste huwelijk (geen trouwregister) met Geeske Klases (Geiske) en liet kinderen dopen: Klaas (1767), Wybe (1770), Grietje (1773), Dioeke (1775), Sjoerd (1777), Doeke (1780) en Dieuke (1784). Dus ook Diuke-vernoeming, maar dit kan alweer toeval zijn. In 1811 meldt hij de zonen: Klaas VAN DER WERF (45, Oudega), Wybe VAN DER WERF (42, Baard, 2 kinderen) en Doeke VAN DER WERF (32, Akkrum, 3 kinderen).

  1. Nolke Jans, geb ca 1690, trouwt voor 1721 met
  2. Sjoerdtje Sikkes, geb ca 1695

Ouders van Jacob Nolkes VAN DER MEER (kw 158), geb Gaastmeer (Wymbritseradeel, FR) 13-10-1723, doop 17-10-1723, gehuwd te Sneek 25-6-1747 met Leukjen Warners OVERSEE en Sneek 13-5-1752 met Luikjen Jans (kw 159).

Stemkohier 1728 Nijhuizum (Wymbritseradeel) Stem nr. 12. Zakelijk gerechtigden: Dr. Dominicus Rispens erven, eigenaar - Nolke Jans, gebruiker

Bij Quotisatie van 1749 wordt Nolke Jans niet vermeld, ook zijn zoon Jacob niet, hoewel deze in 1747 (Jacob Nolkes VAN DER MEER) zelfstandig gezinshoofd was geworden. Wel (mogelijk) de zoon Sikke Nolkes.
— Huwelijk van Nolke Jans en Sjoerdtje Sikkes (Sjutje Sickes) niet geregisteerd gevonden. Doopmeldingen van kinderen vanaf 1721: Sicke Nolkes, geb 9-9-1721, doop Sânfirden (Gaastmeer-Nijhuizum, Wymbritseradeel, FR) 14-9-1721. Huwelijk te Tirns (Wymbr) 12-5-1748: Sikke Nolkes OVERMEER en Janneke Paulus VAN DER VEER, beiden te Tirns. Hij is dan 26. Bij Quotisatie van 1749: Sikke Nolkes te Gauw (Wymbr), arm visscher, gezin van 2 volw, aanslag 8 Cgldns. Doop 15-7-1753 van een dochter Sjoerdje Herv.Gem Ysbrechtum-Tjalhuizum-Tirns. Jacob Nolkes VAN DER MEER (kw 158), geb 13-10-1723, doop Gaastmeer 17-10-1723. Zie verder Generatie 8, kw 158. Marten Nolkes, geb 26-3-1726, doop Gaastmeer 31-3-1726 (alleen naam van vader Nolke Jans ingeschreven). Huwelijk te Tirns 13-5-1753: Marten Nolkes OVERMEER en Elisabeth Paulus VAN DER VEER, hij te Tirns, zij van Jorwerd (derde proclam Jorwerd 25-3-1753, Marten Nolkes OVERDEMEER). Gelk Nolkes, doop Gaastmeer 30-9-1729. Huwelijk te Heeg (Wymbr) 7-10-1753: Roeloff Hendriks, afk Oosthem, Gelk Nolkes, afk Heeg. Jouk Nolkes, doop 13-7-1732 Wonseradeel (Parrega-Hieslum-Greonterp), dv Nolke Jans en Sjutje Sickes. Aanname dat Jouk, waarschijnlijk een dochter, bij het rijtje hoort. Nolke Jans zou nog te Parrega hebben gewoond, mogelijk in visserberoep (of als schipper). Jan Nolkes, doop Gaastmeer 19-6-1735.

Zoon Jacob Nolkes trouwt in eerste huwelijk met Lieuwkjen Warners, dv van schipper OVERSEE te Sneek. Zonen Sikke Nolkes en Marten Nolkes trouwen met dochters van Paulus Jans VAN DER VEER. Die achternaam (bijnaam) ook al dan in gebruik. Paulus Jans VAN DER VEER trouwt 20-5-1720 te Wieuwerd (Baarderadeel, FR) met Rintske Idses, beiden van Wieuwerd.

  1. Jan Luiwes, trouwt Sneek 12-5-1715 met
  2. Rinske Eelties (Ellerts?)

Ouders van Luikjen Jans (kw 159), gedoopt Sneek 6-2-1726, getrouwd Sneek 13-5-1752 met Jacob Nolkes (kw 158).

Doop van Luikjen in 1726, register Herv.Gem Sneek gemeld. Ondertrouw (27-4-1715) en huwelijk 12-5-1715 van Jan en Rinske. Over meer kinderen uit huwelijk van Jan en Rinske (nog) geen gegevens. Volgens Quotisatie van 1749 is Jan Luiwis dan alleenstaande, wonend Koornmerk te Sneek, en zonder inkomsten, onderhoud (diaconie of armbestuur).

Wanneer we ons niet vergissen met de gelegde relatie is dochter Luikjen (in 1749, 23j) al uitwonend, mogelijk al vele jaren. Nog aan te vullen.

P.M. (waarschijnlijk niet de zelfde): Burgerboek Sneek 1687 Legt de eed af: Jan Lieuwis Datum: 6 mei 1687 Afkomstig van Tirns.

b) ROEM-kwartier (Zuid-Holland)

  1. Jan Jansz ROM (ROEM), doop Rotterdam (remonstrants) 26-1-1670, begr Rotterdam 4-1-1719 (?). Trouwt (vermoedelijk)
  2. Maertje (Ariejens) VAN DER SCHEE, begr Rotterdam St.Janskerkhof 28-10-1730

Geen meldingen in Rotterdamse kerkregisters over huwelijk en dopen van kinderen. Vermoeden (zie ook kw 640) dat de ouders van Jan rond 1700 niet te Rotterdam woonden. Wellicht gingen ze aan de Giessen wonen (Alblasserwaard). Daarna terug bij Rotterdam.

Rond Nieuwjaar 1719 is Jan Janse ROM te Rotterdam overleden, daar begraven 4-1-1719, man van Marijtje Arijjens. Het echtpaar woonde op’t Kleijne Kipstraetje. Volgens mijn berekening is oudbetovergrootvader Jan ROM slechts 48 jaar oud geworden.

Op 28-10-1730 wordt op het St.Janskerkhof te Rotterdam Maertje VAN DER SCHEE begraven, weduwe van Jan ROEM. Een leeftijd wordt niet vermeld. Misschien werd ze rond 55 jaar oud. De weduwe verdiende de kost als turftonster, ze woonde aan het Franse Water bij de Wagestraat. Over huwelijk van Jan en Maertje en dopen van hun kinderen geen meldingen in Rotterdamse registers. Mogelijk woonden ze elders (Alblasserwaard?). Twee zonen van hen komen we na 1720 wel in de Rotterdamse registers tegen, denk ik: Jan Jansz ROMP (ROEM). David Jansz ROEM (kw 160). Bij overlijden: ROMP.

David (ca 1700-1783) wordt oudovergrootvader in de ROEM-lijn. Zie verder bij kw 160. Over zijn oudere broer Jan het volgende (aannames):

Op 23-8-1725 wordt huwelijksregister kerk IJsselmonde ondertrouw (pro deo) ingeschreven van Jan Jansz ROMP en Grietje Pieters BOOM. Zij uit IJsselmonde (Rotterdam), hij uit Peursum. Peursum is dorp aan de Giessen, in de Alblasserwaard. Jan en Grietje zijn in Kralingen (Rotterdam) gaan wonen want 4-11-1725 wordt daar hun zoon Jan gedoopt (doopgetuige Cornelia Cobus BLOCK). Ruim twee maanden na huwelijksdatum. En 6-5-1728 hun zoon Pieter (doopgetuige Willempje Pieters BOOM). Elf dagen hierna, 17-5-1728, wordt Grietje BOOM begraven. De achternaam ROEM verschijnt bij de doop van Pieter en de begrafenis van Grietje. En ook als Jan Jansz ROEM, weduwnaar van Grietje BOON (!), afkomstig van Kralingen, op 3-2-1729 trouwt met Maria Jans TIELEMANS, jongedochter, afkomstig van Gijbeland onder Brandwijk. Jans tweede vrouw woonde in de Alblasserwaard, niet ver van Peursum. Van geboorte overigens (ook) Rotterdams, wanneer we aannemen dat ze daar 27-11-1696 werd gedoopt, dochter van Tieleman Jansz (Hoestenbeecq) en Arjaantje Willems. Bij huwelijk met weduwnaar Jan was ze dan 32, ongeveer even oud als Jan. Misschien kenden ze elkaar uit de jeugd in Alblasserwaard.

Op 7-3-1729 wordt te Kralingen een zoon van Jan Roem begraven (Pieter, 10 maanden oud?). Op 1-2-1730 een ander kind van Jan Roem (Anna, kort na geboorte, dochter bij Maria Tielemans?). Op 6-10-1736 wordt de jongeman Jan ROMP begraven. Geen melding van ouders en leeftijd. Maar mogelijk de oudste zoon van Jan en Grietje. Jan en Maria krijgen na de jong gestorven dochter Anna geen kinderen meer. De Jan Jansz ROM-naamlijn eindigt met het overlijden van Jan ROEM, begraven bij de Hervormde kerk van Hillegersberg (Rotterdam) 3-6-1769. Ruim 70 jaar oud geworden. Maria Jans TIELEMANS, de tweede vrouw van Jan ROEM, is tante van de kinderen van diens broer David (kw 160) en treedt voor kinderen van David regelmatig op als doopgetuige.

  1. Willem Pietersz VALSTAR, geb Naaldwijk 14-10-1668, ovl Naaldwijk 22-1-1737, 68j oud, tr Naaldwijk 12-9-1694, hij 24, met
  2. Johanna BLOM (of BOM), afkomstig uit Wateringen (bij Naaldwijk).

Uit dit huwelijk: Pieter Willemsz VALSTAR, geb 3-7-1695 te Naaldwijk, tr. 16-8-1722 te sGravenzande met Martijntje ’t Hart, geb 27-11-1700 te sGravenzande, ovl 26-11-1751 te Naaldwijk, dochter van Pieter ’t Hart. Bij huwelijk wonen beide in de Oranjepolder. Uit dit huwelijk de zonen: Pieter (geb 1722), Jan (geb 1726), Ary (geb 1728) en Johannes (1740-1794). De zoon Johannes Pietersz Valstar trouwt 23-6-1771 met Jannetje van Tuk (1745-1817). Uit dat huwelijk worden de kinderen: Maria (1772), Grietje (1773), Jan (1777), Pieter (1780), Geertje (1785) en Ary (1788-1864) geboren. Jongste zoon Ary Johannes Valstar trouwt 29-11-1812 met Pieternella van Haren. Uit dit huwelijk de kinderen: Johanna, Hendrik en Jannetje Valstar (1821-1891) die 30-11-1844 trouwt met Martinus Prins (1823-1896). Zij krijgen twaalf kinderen onder welke de dochter Klazina Prins (1859-1898) die ca 1885 trouwt met Nicolaas Roem (vgl kw 10). Eva Dirk Willemsz VALSTAR (kw 166) Leuntje Claes Er is een Valstar-familieboek (door L.Valstar).

  1. Leendert Isaackzs VAN EIJCK, geb. 1675 te Maasland, wonende te Sandambacht, trouwt 5-1-1698 voor de kerk te ’s Gravenzande met
  2. Lijsbeth Cornelisdr VAN DER KOOIJ, gedoopt 1676 te Delft, begraven 8-11-1727 te Pijnacker.

Uit dit huwelijk: Martijntje Leendertse VAN DER EIJCK (kw 167).

  1. Lammert UYTERMARCK 349.

Ouders van: Roelof Lammerts UITERMARCK (kw 174) die woonde te Bronkhorst-Steenderen (GLD) ca 1680-1750

  1. Jurrien Everts OP DE VREE
  2. Jenneken (?)

Ouders van: Esselina Jurriens (kw 175)

  1. Joost VAN LEEUWEN 369.

Uit dit huwelijk: Aart Joosten van Leeuwen (kw 184)

  1. Claes Symonsz VAN DEN EENDENBURG, ged. 25-3-1675 te Terheide, trouwt 9-3-1698 te Monster met
  2. Lijsbeth Arents VAN DUYN, ged. 11-5-1670 te Monster.

Uit dit huwelijk (minstens): Annetje Claesdr VAN DEN EENDENBURG (kw 185).

Lijsbeth van Duyn was eerder, 11-5-1692, getrouwd met Philips VAN DER HOEVEN.

  1. Willem Anssum VAN SPRONSEN, ged. 31-8-1670 te Terheide, overl 22-4-1749 te Monster, trouwt 14-11-1699 voor de kerk te Monster met
  2. Lijntje Jansdr VERGOUDE, ged. 31-12-1673 te De Lier, overl 18-7-1740 te Monster.

Uit dit huwelijk: Arent Willemsz VAN SPRONSEN (kw 186) Cornelis Willemsz, ged 16-3-1710 te Monster, overl in 1761, tr 19-4-1739 met Johanna Pietersdr VAN BREEMEN, ged 7-3-1717 te Loosduinen, overl 26-8-1759.

  1. Laurens Arijens VAN SPRONSEN, geb. ca. 1650, marktschipper, overl voor 1-2-1730, trouwt 15-5-1683 te Monster met
  2. Geertje Arijensdr VOS, ovl na 1-2-1730.

“Op 1 februari 1730 verkocht Geertie Ariens VOS, weduwe van Laurens Arentse VAN SPRONSSEN, wonende te Monster, aan haar zoon Cornelis Laurense VAN SPRONSEN, een huis en nog een klein huis en erf in het dorp Monster aan de westzijde van de Vaert, belendend O de voorszeide vaart, Z Adam van Dijk en Dirck Joosten Zijtregtop, W de Schougreppel en N de erfgen. van Jan Joosten Zijtregtop, en tevens een marktschuit met zijn zeilagie en al het geen daartoe behoort; het huis is door de verkoopster bewoond, laatste brief d.d. 17 januari 1683, voor 600 gldns.” (kwartierstaat VAN DER KROGT). Pand en schuit waren na dood van hun ouders gedeeld bezit geworden van halfzus Gooltje, broer Anssum en Laurens. Per 5-1-1693 kocht Laurens de anderen uit. Tot dan had Anssum de marktschuit gebruikt en voer Laurens als knecht bij de marktschipper Leendert van der Zalm. Vanaf nu is hij zelfstandig marktschipper.

Uit het huwelijk, gedoopt te Monster: Lijsbetje, ged. 3-4-1684 Marijtje, ged. 30-9-1685 Arent, ged. 11-1-1688 Jan, ged. 11-1-1690 Arij, ged. 4-11-1691 Magtelt, ged. 7-11-1694 Cornelis, ged. 16-11-1700 (koopt 1730 huis en schuit) Pieter, ged. 19-2-1702 Geertje (kw 187), ged. 1704 ?

  1. Jochum Jacobsz (VAN) VREUGDENHIL, geb 12-7-1671 (ged. 17-7-1671) te Naaldwijk, van 1726 tot 19-12-1735 spuiwachter op de Delflandsche buitenspui op het Oranje Gors, begraven 5-9-1735 te Oranjepolder, 64 jaar oud, trouwt 5-5-1697 te Naaldwijk met
  2. Geertje Lucasdr VERKOORN (VERKOREN), ged. 28-1-1674 te Naaldwijk, overl te Naaldwijk in 1721, 47 jaar oud.

Uit dit huwelijk: Jacobus Jochumsz VREUGDENHIL, gedoopt De Lier op 25-5-1698, tr 30-5-1723 te Naaldwijk met Neeltje Arends ZEEMAN, afkomstig uit Honselersdijk, gedoopt te Naaldwijk 16-4-1702, ovl 1744, dochter van Arend Andriesz ZEEMAN en Hendrikje Arends VAN DER BEEK. Jacobus en Neeltje krijgen de kinderen: Jacobus (1726, wordt 6 weken), Ary (1729), Geertje (1730), Arend (1731), Geertje (1734), Arend (1737), Anna (1740), Dina (1743). Lucas Jochumsz VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk op 27-6-1700, in ondertrouw op 2-12-1724 te Goudswaard (Hoeksewaard, bezuiden Rotterdam) met Pietertje Cornelisse VAN DEN BOOGAARD. Ze krijgen de kinderen: Geertje (1725), Cornelis (1726), Jobje (1728), Johannes (1731-1813) en Leysbeth (1732). Dirk Jochemsz VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk op 12-5-1702, bouwman, begraven ’s Gravenzande 17-2-1781, 78 jaar oud, tr 23-5-1728 te ’s Gravenzande met Jaepje Pieters OVERGAEUW, gedoopt Naaldwijk 21-6-1705, begraven ’s Gravenzande op 7-7-1792, dochter van Pieter Teunisz OVERGAEUW en Annetje Jacobs HOOGSTRATEN. Dirk en Jaepje krijgen de kinderen: Geertje (1729-1786), Anna (1731-1822), Jacobus (1732), Jochem (1736-1820), Cornelis (1738), Jan (1739), Cornelis (1741), Jan (1743-1812), Pieter (1744) en Cornelis (1746). Cornelis Jochumszn VREUGDENHIL (kw 188), gedoopt Naaldwijk 10-10-1704. Lijsbeth Jochumsdr VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk 2-7-1706, ovl aldaar 20-5-1780, 73 jaar oud, tr (1) 14-6-1733 ’s Gravenzande met Jan Willemsz SWAENSWIJK, gedoopt ’s Gravenzande 3-11-1709, zoon van Willem Jacobsz SWAENSWIJK en Aaltje Cornelisse VAN DER GAAG, tr (2) 24-1-1740 ’s Gravenzande met Jan Theunisz YZERMAN, gedoopt aldaar 21-10-1712 en begraven 5-12-1764, 52 jaar oud, zoon van Theunis Jansz YZERMAN en Aagje Cornelisse VELLEKOOP. Uit huwelijk van Lijsbeth en Jan Yzerman de dochter Aagje Jans die trouwt met haar neef Thomas, zoon van Cornelis Jochumszn VREUGDENHIL. Gerrit Jochumsz VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk 2-11-1708, begraven ’s Gravenzande 29-12-1784, 76 jaar oud, tr (1) 19-10-1732 ’s Gravenzande met Lijsbeth Thomas VAN BEIJEN, gedoopt ’s Gravenzande 31-7-1707, begraven aldaar 28-4-1764, 56 jaar oud, dochter van Thomas Jansz VAN BEIJEN en Maartje Cornelisse VAN DER KOOIJ, tr (2) 11-10-1767 ’s Gravenzande op 58-jarige leeftijd met de 52-jarige Marijtje Willems DIJKSHOORN, gedoopt ’s Gravenzande 7-7-1715, dochter van Willem Cornelisz DIJKSHOORN en Aaltje Gillis DUIFHUIS. Uit het huwelijk van Gerrit en Lijsbeth van Beijen de kinderen: Thomas (1732), Geertje (1734), Thomas (1735-1785), Marytje (1738-1812), Joghem (1739-1741), Jan (1741), Lysbeth (1743), Elsje (1745) en Hannes (1748-1804). Geertruid Jochumsdr VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk 25-5-1711, ovl voor 11-2-1753, hoogstens 41 jaar oud, tr 2-1-1735 ’s Gravenzande met Crijn Dirksz (Krijn) KOPPENOL, geboren op het eiland Rozenburgh, gedoopt Rozenburg 10-3-1709, begraven ’s Gravenzande 9-8-1774, zoon van Dirk Daniël KOPPENOL en Lijntje Crijnen VRIJLAND. Geertruid krijgt in ieder geval een zoon Jacob Crijnsz Koppenol. Op 11-2-1753 trouwt Krijn Koppenol te ’s Gravenzande met Johanna Elisabeth STEFFENS. Magdalena Jochumsdr VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk 9-6-1715, begraven aldaar 18-1-1786, 70 jaar oud, tr (1) op 19-jarige leeftijd 5-12-1734 te Naaldwijk met de 34-jarige Hendrik VAN JAERSVELT, gedoopt 31-10-1700 te Waardenburg (Neerijnen), zoon van Dirk VAN JAERSVELT en Lijsbeth SLUIJMER, tr (2) op 42-jarige leeftijd 29-1-1758 te ’s Gravenzande met Johan FELTKAMP, afkomstig uit Schalen, ovl voor 7-11-1776. Marijtje Jochumsdr VREUGDENHIL, gedoopt Naaldwijk 9-2-1720, begraven ’s Gravenzande 7-2-1791, tr (1) 7-6-1744 ’s Gravenzande met Cornelis Willemsz SWAENSWIJK, gedoopt ’s Gravenzande 17-5-1716, zoon van Willem Jacobsz SWAENSWIJK en Aaltje Cornelisse VAN DER GAAG, tr (2) op 35-jarige leeftijd 17-8-1755 te Maassluis met de 22-jarige Harmanus Barendsz VAN DIEM, gedoopt Hillegersberg 19-10-1732, begraven ’s Gravenzande 30-12-1808, zoon van Barend VAN DIEM en Cornelia VAN LEEUWEN. Josina Jochumsdr VREUGDENHIL, afkomstig uit Zandambacht, tr 30-10-1746 te ’s Gravenzande met Jan Pietersz ROEVERS uit Honselersdijk.

Oudbetovergrootmoeder Geertje Lucas VERKOORN is in 1721 te Naaldwijk begraven, 47 jaar oud. Vermoedelijk had de geboorte van jongste dochter Josina hier veel mee te maken. Jochum Jacobs VREUGDENHIL is dan 50 jaar oud. Hij trouwt (2) op 6-1-1726 te Naaldwijk met Pietertje Pouwel VAN (DER) EIJK, weduwe van Klaes VAN DER HANS.

Volgens akte van 6-5-1699 kocht Jochum Jacobsz van Vreugdenhil van Joris Arendsz VAN DE VALCK te Naaldwijk een huis “begrensd door Potterslaan (oost en zuid) en de Diakoniearmen (west), belast, onder andere met een rente van 15 stuivers per jaar ten behoeven van Groot-armen”.

  1. Cornelis VAN DEN HOEVEN trouwt ca. 1700 met 379.

Uit dit huwelijk: Annetje Cornelis VAN DEN HOEVEN (kw 189), gedoopt te Naaldwijk 3-4-1712.

  1. Cornelis Ariesz SAARLOOS, ged te Numansdorp (Hoeksewaard) 3-4-1667, ovl na 1723, sluiswachter van de Westerse Sluys, ‘opschieter van slooten’, trouwt 5-8-1696 te Numansdorp met
  2. Maria Dirksdr VAN DER SLOOT, geb ca 1670, ovl te Numansdorp 24-7-1723. Ook de vader van Cornelis, Arie Kommersz SAARLOOS (kw 760), was “schieter van slooten” (aannemer) in de Hoeksewaard. Cornelis nam de functie van zijn vader over.

Uit dit huwelijk (dopen te Numansdorp): Arie Cornelisz SAARLOOS (kw 190), 11-11-1696 (3 mnd na huwelijk) Pieternelletje, 29-3-1699 Maaike, 22-3-1702 Dirk, 2-11-1704 Gijsbert Cornelisz SAARLOOS, ged te Numansdorp (Buitensluis) 29-6-1707, ovl 14-11-1773 te Nieuw-Beijerland, trouwt (1) 5-5-1737 te Goudswaard met Geertruyd Ariens van Bockhoven (gedoopt 24-3-1712 te Strijen, ovl te Goudswaard ca 1739), trouwt (2) 14-8-1740 te Goudswaard met Pietronella Andriesdr van Strijen. Gijsbert woonde aan de Coorndijk onder Goudswaard, verhuisde later naar Nieuw-Beijerland waar hij heemraad werd. Ariaantje, 30-10-1709

  1. Cornelis Gerritsz VAN DEN BOOGAART, gedoopt te Goudswaard 16-10-1667, trouwt 3-6-1701 te Goudwaard, hij 33, zij 22, met
  2. Maria Leenderts SPUIDIJK, gedoopt te Nieuw-Beijerland 12-3-1679, ovl in april 1702 te Goudswaard, 23j oud.

Uit dit heel korte huwelijk (mogelijk overleed Maria in het kraambed): Pieternella VAN DEN BOOGERT (kw 191)

c) DE JONG-kwartier (Friesland)

  1. Wybe Minnes, ovl te Haskerhorne voor 1710, boer, in 1698 vermeld als gebruiker (huurder) van boerderij stem nr 23 te Haskerhorne, tr met
  2. Jol Jacobs, ovl na maart 1713 Uit dit huwelijk oa: Minne Wiebes (kw 192)

Stemkohier 1698 Haskerhorne (Haskerland) Stem nr. 23. Samengevoegd met nrs. 21 en 22. Zakelijk gerechtigden: - Jonkhr Hessel Vegilin van Claerbergen, grietman over Haskerland, eigenaar voor 2/3 - Jelle Remmelts, eigenaar voor 1/3; papist – Wybe Minnes, gebruiker.

  1. Francke 387.

Uit dit huwelijk: Martjen Franckes (kw 193)

  1. Pier Piers, geb ca 1660, tr 27-1-1695 te Joure (hij Lemmer, zij Joure) met
  2. Grietje Sipkes, doop 2-6-1661 te Joure

Uit het huwelijk: 1. Pier Piers (vgl kw 194), doop 29-3-1696 te Joure 2. Jaaike, doop 21-1-1698 te Joure

  1. Aage Johannes, doop 27-12-1665 te Joure, tr 10-2-1695 te Joure met
  2. Corneliske Jans

Uit het huwelijk: 1. Grietie, doop 15-12-1695 2. Johannes Ages, doop 16-1-1698, tr (1) 3de proclamatie 29-6-1722 met Tiet Rinnerts, tr (2) 3de proclamatie 21-8-1735 met Wypk Sibes. Uit huwelijk met Tiet 6 kinderen, dopen te Joure: Aage 22-8-1723, Knieleske 9-3-1727, Hittie 29-2-1728, Hitje 25-6-1730, Hitje 9-3-1732, Tiet 10-9-1734 (moeder Tiet is overleden). Uit huwelijk met Wypk 2 kinderen: dopen Sibe 17-10-1736, Cnieleske 17-3-1739. Bij de Quotisatie van 1749: Johannes Ages, Joure, schipper/matig in staat, gezin 6 personen waarvan 1 kind jonger dan 12, aanslag 42 Caroligldns. 3. Griet, doop 24-9-1699 4. Trijntie, doop 25-5-1702 5. Jouckjen Ages (vgl kw 195), doop 12-10-1704

  1. Meye 393. Ouders van: Franke Meyes (kw 196)

  2. Sybren 395. Ouders van: Nan Sybrens (kw 197)

  3. Ellert Hanses, trouwt ca 1701 te Terband (Aengwirden) met

  4. Wyts Eeuwes,

Uit dit huwelijk: 1. Hans Ellerts (kw 198), gedoopt 17-9-1702 Terband 2. Griet Ellerts, gedoopt 7-8-1707 Terband 3. Auke Ellerts, gedoopt 20-1-1709 Luinjeberd

Stemkohier 1728 Tjalleberd (�Aengwirden) Stem nr. 6. Zakelijk gerechtigden: Ellert Hanses, eigenaar voor 1/5 - Bonne Gjolts (GJALTS), eigenaar voor 3/5 - Anne Johannes kinderen, eigenaar en gebruiker voor 1/5 Opm. Curator: Jacob Libarius - Wytse Oenes, gebruiker voor 1/5 - Dirk Jans, gebruiker voor 3/5

Stemkohier 1728 Nijehaske (Haskerland) Stem nr. 24. Zakelijk gerechtigden: Ellert Hanses, eigenaar voor ¼ - Homme Ruyrds, als erfgen van Minke/Mins Hessels, eigenaar voor ¼ - Syds Helmigs, eigenaar voor ½ - Wybe Clases cum soc., gebruiker

  1. Oene Harmens, geboren ca 1681, boer, ontvanger (belastingen) te Ouwsterhaule-Nijega-Oldeouwer (Doniawerstal), tr ca 1705 met
  2. Jicke Hendriks, geboren ca 1685.

Uit dit huwelijk (dopen Ouwsterhaule etc): 1. Harmen Oenes, geb 31-12-1707, doop 1-1-1708. 2. Hendrik Oenes, geb 20-4-1710, doop 20-4-1710. 3. Wytse Oenes (OENEMA, kw 200), geb 29-12-1712, doop 1-1-1713. 4. Meyke Oenes, doop 26-12-1715. 5. Griet Oenes, geb 27-9-1718, doop 2-10-1718.

Bij dopen van Hendrik (1710) en Griet (1718) in register bij Oene Harmens de functie ontvanger gemeld. Bij Quotisatie 1749 wordt Oene Harmens niet meer vermeld. Wel Wytse Oenes te Ouwsterhaule, hij is dan 37, boer en schoolmeester. Aanslag 40 Cgldns. En Harmen Oenes te Woudsend (in het naburige Wymbritseradeel) die dáár schoolmeester is. Deze trouwt Woudsend 8-5-1735 met Jancke Dirks. Dopen gemeld van Aebel 19-2-1736 en Oene 3-12-1741 (in beide gevallen Harmen als meester genoemd). In 1749 bestaat gezin volgens aanslag uit 2 personen ouder dan 12. Aanslag slechts 15 Cgldns. Of deze Harmen oudere broer was van Wytse nog niet aangetoond. Hendrik Oenes tr Ouwsterhaule 9-5-1734 met Trijntje Tebbes (afkomstig van Rotsterhaule). Register meldt 4 dopen Ouwsterhaule: 1. 12-11-1734, geen naam van kind genoteerd. 2. Jicke, geb 22-2-1735, doop 27-2-1735. 3. Vrouk, geb 31-5-1737, doop 2-6-1737. 4. Grytje, geb 2-4-1739, doop 12-4-1739. Bij Quotisatie 1749 geen Hendrik Oenes of weduwe van hem te Ouwsterhaule meer vermeld. Nog verder aan te vullen.

Oene Harmens is mogelijk ca 45-50j oud geworden. Hij bewoonde boerderij stem nr 9 te Ouwsterhaule (ook nr 10?). Bij overlijden was hij tevens bijzitter (dorpsrechter of wethouder). Volgens stemkohier van 1728, hij is dan overleden.

Stemkohier 1728 Ouwsterhaule (Doniawerstal) Stem nr. 9. Zakelijk gerechtigden: Bijzitter Oene Harmens nagelaten minderjarige kinderen, eigenaar. Curatoren: Bote Eises en Marten Harmens Stemkohier 1728 Ouwsterhaule (Doniawerstal) Stem nr. 10. Zakelijk gerechtigden: Bijzitter Oene Harmens nagelaten minderjarige kinderen, eigenaar. Curatoren: Bote Eises en Marten Harmens

  1. Foppe Hinnes, geb ca 1690 te Joure, tr Joure 3-9-1713 (derde proclamatie) met
  2. Wytske Annes

Uit dit huwelijk (dopen Herv.Gem. Joure, Westermeer, Snikzwaag): 1. Catryne Foppes, doop 20-5-1714. 2. Reinske Foppes, doop 9-5-1717. 3. Hinne Foppes, doop 28-10-1718. 4. Reinske Foppes, doop 11-10-1722. 5. Antje Foppes, doop 8-4-1731. Bij Quotisatie 1749: Foppe Hinnes te Joure, gezin 4 personen ouder dan 12, verver, redelijk in staat, aanslag 32-9 Cgldns. Mogelijk hoort dit echtpaar niet in onze kwartierstaat thuis en is de Reinske Foppes van 1717 jong overleden en niet de Rinske Foppes (kw 201) die in 1737 trouwt met Wytze Oenes.

  1. Claes Claessen, gedoopt 31-8-1684 te Langweer, ovl voor 1749, trouwt ca 1710 met
  2. Yns (Ynts) Roukes, gedoopt 5-10-1690 te Langweer.

Uit het huwelijk (dopen Herv.Gem. Langweer, Dijken, Teroele, Boornzwaag): 1. Aechien (Aagje), gedoopt 10-12-1713 2. Zintje (Sientje?), geb. 27-10-1715, ged. 10-11-1715 3. Claas (kw 204), geb. 23-10-1717, ged. 14-11-1717, doopheffer is de moeder.

De in 1717 geboren Claas Clazes (Klaas Klases) was in 1749 (wellicht) beurtschipper te Langweer. Mogelijk was zijn vader Claes Claessen ook beurtschipper en moest deze om reden van beroep de doop van zijn zoon missen – zodat moeder Yns Rouckes in het kerkregister specifiek als ‘doopheffer’ wordt vermeld. Gissingen.

  1. Jo(h)annes RUDOLPHI, gedoopt 19-12-1680 te Franeker, predikant te Peasens en vanaf juli 1730 te Witmarsum, ovl 7-1-1755 te Witmarsum en daar in de kerk begraven, 74j oud, trouwt 2-10-1712, 31j oud, te Peasens met
  2. Aukje Eelkes, ovl te Witmarsum in 1758.

De jonge kandidaat Johannes (Joannis) RUDOLPHI wordt 13-11-1707 te Peasens bevestigd als dominee van de Herv. Gem. aldaar. Zijn voorganger, Regnerus Tobias HACHTINGIUS, was er in 18-9-1692, ook als jonge kandidaat (pas afgestudeerd), bevestigd en dominee geworden. Dominee HACHTINGIUS lust wel een borrel. Hij wordt 4-7-1701 daarom ook “op de klassis” (regionaal kerkbestuur) om dronkenschap voor eenmaal van het Avondmaal gesuspendeerd. Hij overlijdt begin september 1706. Met de kandidaat Joannis RUDOLPHI, zv de vroegere gerechtssecretaris van Franekeradeel, krijgt Peasens een nieuwe dominee, met goede papieren. Hij is 26 en nog ongehuwd. Vijf jaar later veroorzaakt deze dominee tumult en wordt hij geschorst (“provisioneel gesuspendeerd”, 10-10-1712), “omdat zijn meid van hem in de kraam moest, gelijk hij zelf bekende”. Aukje Eelkes zorgde voor de huishouding en voor meer. Een week voordat de klassis hem “provisioneel suspendeert”, trouwt Johannes met Aukje (2-10-1712). De klassis komt 24-10-1712 daarom tot een nieuw besluit (“al met de meid getrouwd”) en schorst hem, met verlies van tractement (hij krijgt geen salaris) tot 19-2-1713 en hij moet een boetpreek doen “in tegenwoordigheid van twee klassikale gecommiteerden, zullende op denzelfden dag door een der gecommiteerden des voormiddags, zoo hem als de gemeente, de wederzijdsche plichten worden voorgehouden.” Volgens de bronnen is deze “sententie” op 30-10-1712 “van den predikstoel gepubliceerd”. Een maand later (30-11-1712) wordf Rudolphus RUDOLPHI gedoopt. Het kind leeft slechts kort. Te Peasens worden hierna een zoon Rudolphus 30-9-1714 gedoopt (wordt dominee te Jutrijp-Hommerts, kw 206) en een dochter Aurelia (Aukje) 15-12-1720. Johannes RUDOLPHI is dominee te Peasens 1707-1730 en wordt daarna dominee te Witmarsum (Wonseradeel FR). Te Witmarsum volgt hij ds Livius PISO op die er in 1711 werd aangesteld (als jonge kandidaat) en om gezondheidsredenen 27-4-1729 emeritaat kreeg (ovl Stavoren in 1730). De kerk te Witmarsum blijft ruim een jaar zonder eigen predikant: Johannes houdt zijn intreerede pas 23-7-1730 en was mogelijk (50j inmiddels en ooit geschorst geweest) geen eerste keus. Maar vervolgens “staat” hij te Witmarsum in de volgende bijna 25 jaren van zijn leven. Bij de Quotisatie 1749 wordt Joannes, hij is dan 69, als ds. Rudolphy te Witmarsum (Wonseradeel) vermeld, gezin van 3 personen ouder dan 12 De dominee krijgt een aanslag van 30 Caroliguldens. Dat is 9 guldens minder dan de aanslag die zoon Rudolphus, dominee te Jutrijp-Hommerts (Wymbritseradeel), krijgt. Zie ook kw 206. De 3 personen ouder dan 12 in de pastorie (1749) zijn kennelijk het echtpaar Johannes (ovl 1755) en Aukje (ovl 1758), en de dochter Aurelia. Aurelia RUDOLPHY trouwt 10-5-1750, 29j oud, en drie maanden later wordf haar zoon Johannes Tjeerds gedoopt. Dominee Johannes leidde waarschijnlijk de huwelijksdienst en de doopdienst voor dochter Aurelia en mogelijk ook de begrafenisdiensten voor kleinzoon Johannes en dochter Aurelia kort hierna.

Kinderen uit huwelijk van ds. Jo(h)annes RUDOLPHY en (zijn voormalige “meid”) Aukje Eelkes (doopregister N.H.gemeente te Peasens):

Rudolphus, doop 30-11-1712.
— Het kind uit de onechtelijke relatie in de pastorie te Peasens die Johannes een schorsing bezorgde, is kort na doop overleden. Rudolphus RUDOLPHI, doop Peasens 30-9-1714, ovl Jutrijp 26-12-1781, tr Witmarsum 7-8-1740 met Aukjen Ulbes (kw 207), wordt dominee te Jutrijp-Hommerts (kw 206) Aurelia RUDOLPHY, doop Peasens 15-12-1720, tr Witmarsum 10-5-1750, zij 29, hij 32, met Tjeerd Sierks, gedoopt Witmarsum 3-10-1717, zv Sierd Tjeerds en Rigtje Jelles.
— Uit huwelijk van Aurelia en Tjeerd een zoon Johannes, doop Witmarsum 9-8-1750 (drie maanden na hun huwelijk). In doopregister bij hem de aantekening “de dopeling is overleden”. Die aantekening kan (veel) later zijn toegevoegd. Feit is wel dat over Aurelia verder geen meldingen zijn gevonden en dat Tjeerd Sierks (indien dit dezelfde is) Witmarsum 4-7-1756 trouwt met Meinu Jorkes. De constructie wordt dan dat Aurelia (mogelijk met kind) in 1750 of kort erna is overleden.

Bij overlijden van dominee Jo(h)annes RUDOLPHI (RUDOLPHY) te Witmarsum 7-1-1755, volgens “Predikantenregister” oud ruim 74 jaren en in de kerk hier begraven, zijn (vermoedelijk) alleen zoon Rudolphus RUDOLPHI, dominee te Jutrijp, en echtgenote Aukje Eelkes nog in leven. Of dochter Aurelia voor 1755 en in 1758 echtgenote Aukje ook in hetzelfde graf in de kerk te Witmarsum zijn begraven, is onbekend.

Aurelia RUDOLPHY trouwt 10-5-1750 met Tjeerd Sierks. Haar broer Rudolphus is 10 jaar eerder getrouwd met Aukjen Ulbes, dv de “welgestelde borger” Ulbe Baukes (zo in 1749 vermeld). In 1749 wordt ook Tjeerd Sierx te Witmarsum “welgestelde borger” genoemd, gezin 2 personen ouder dan 12, aanslag 25 Cgldns 14 stuivers, vermogen 1500 Cgldns. Tjeerd (indien dit dezelfde is) is gedoopt 3-10-1717, zv Sierd Tjeerds en Rigtje Jelles. In 1749 is hij een prille dertiger, mogelijk erfgenaam van overleden ouders. Relatie met boerenbedrijf niet bekend, mogelijk ambacht en handel. Nog aan te vullen. Uit huwelijk Witmarsum 4-7-1756 met Meinu Jorkes (haar voorgegevens mij nog onbekend), na overlijden van Aurelia, worden 7 kinderen gedoopt: Sjierk (1756), Pyter (1759), Dieuke (1760), Rigtje (1762), Ulbe (1766), Afke (1768) en Ulbe (1772). Bij naamaanneming van 1811 duikt de achternaam VLIETSTRA op. De weduwe van Sjierk Tjeerds, oudste zoon van Tjeerd en Meinu, laat VLIETSTRA-naam registreren (Witmarsum) en ook Ulbe Tjeerds, jongste zoon van Tjeerd en Meinu (Witmarsum). Nageslacht van Tjeerd Sierks via zijn tweede huwelijk. Nageslacht via eerste huwelijk met Aurelia RUDOLPHY niet aanwezig.

  1. Ulbe Baukes, geb 11-10-1688, in 1749 vermeld als seer welgesteld borger te Witmarsum (Wonseradeel, FR), ovl 17-6-1778, 89j oud, trouwt te Witmarsum 2-11-1710, hij 22, zij 21j, met
  2. Trijntje Sybrens, geb 31-3-1689 te Witmarsum, ovl 3-4-1740 aldaar, 51j oud.

Uit dit huwelijk (doopregister Herv.Gem. Witmarsum): Sybren Ulbes, geb 15-1-1711, gedoopt 18-1-1711, tr (1) 4-12-1735 te Witmarsum met Sjeuke (Seike) Johannes. Wordt in 1749 vermeld als seer welgestelde bakker en boer. Vier opeenvolgende huwelijken, 18 kinderen. Zie hieronder 414.1. Ymkjen Ulbes, geb 10-5-1713, gedoopt 14-5-1713 (de dopeling is overleden). Aantekening van overlijden moet in register veel later zijn aangebracht. Ymkjen Ulbes trouwt 28-12-1732 te Heeg (Wymbritseradeel), zij afk Witmarsum, met Atse Jans BERGSMA, zv Jan Atses en Simkje Deddes. Kinderen: Simkje, geb 7-6-1734, doop 13-6, Jan Atses BERGSMA, geb 18-2-1736, doop 19-2, Tryntje, geb 23-10-1738, doop 26-10, Grietje, geb 7-1-1741, doop 8-1, en Ulbe Atses BERGSMA, geb 18-12-1743, doop Heeg 20-12-1743. Aukjen Ulbes, geb 1-3-1718, gedoopt 6-3-1718 (kw 207), in 1740 getrouwd met Rudolphus RUDOLPHI (kw 206), jonge dominee te Jutrijp-Hommerts, zoon van Joannes RUDOLPHI (kw 412), dominee te Witmarsum. Bauke Ulbes, geb 10-10-1726, gedoopt 20-10-1726, tr 4-10-1750 met Yfke (Iefke) Wybes. Uit dit huwelijk 8 kinderen volgens doopregister. Zie hieronder 414.4.

Stemkohier 1728 Witmarsum (Wonseradeel) Stem nr. 17. Zakelijk gerechtigden: Harmen Tjeerds, uit naam van zijn vrouw, eigenaar voor ¼; Jan Oedses, uit naam van zijn vrouw, eigenaar voor ¼; Rinnert Wopkes, uit naam van zijn vrouw, eigenaar voor ¼; Ulbe Baukes, uit naam van zijn vrouw, eigenaar voor 1/4 Cornelis Murks, gebruiker.

Bij de Quotisatie van 1749 staat Ulbe Baukes te Witmarsum vermeld als seer welgesteld borger. Zijn vermogen wordt geschat op 15.000 Cgldns, hij krijgt de milde aanslag van 63 Cgldns en 1 stuiver. Gesteld wordt dat het gezin van de 60-plusser uit twee volwassenen bestaat. Trijntje Sybrens is in april 1740 overleden, zoon Sybren in 1735, dochter Ymkje in 1732 en dochter Aukjen in augustus 1740 getrouwd. Jongste zoon Bauke is 23, trouwt 4-10-1750. Hij en vader Ulbe vormen nog het gezin in 1749. Bij de Quotisatie wordt zoon Sybren Ulbes te Witmarsum zelfstandig aangeslagen als seer welgestelde bakker en boer. Zijn vermogen wordt geschat op 10.000 Cgldns en de aanslag bedraagt 101 Cgldns en 3 stuivers. Gezin van 8 personen waarvan 3 jonger dan 12 jaar.

414.1. Sybren Ulbes, geb Witmarsum 15-1-1711, zoon van Ulbe Baukes en Trijntje Sybrens. Ouders trouwden 2-11-1710, Ulbe 22, Trijntje 21 en reeds hoogzwanger. Sybren Ulbes kreeg vermoedelijk 18 kinderen uit samen 4 opeenvolgende huwelijken. Hij trouwt (1) 24j oud te Witmarsum 4-12-1735 met Sjeuke Johannes (Sieuwke, Seike). Volgens doopregister uit dit huwelijk twee kinderen: (1) Ulbe Sybrens, geb 24-8-1736, doop 26-8-1736, (2) Minne Sybrens, doop 9-11-1738 (naam moeder niet vermeld – aanname dat vader Sybren Ulbes door ons bedoelde Sybren is – “Minne”-vernoeming geeft twijfel). Sybren trouwt (2) 31j oud te Witmarsum 4-3-1742 (“hij is bakker”) met Geertje Sibles (Gertje Sybles). Volgens doopregister uit tweede huwelijk van Sybren 6 kinderen: (3) Tryntje Sybrens, doop 7-10-1742 (naam moeder niet vermeld – doop 7 maanden na huwelijksdatum). (4) Baukjen Sybrens, geb 13-5-1745, doop 16-5-1745. (5) Tryntje Sybrens, geb 13-3-1747, doop 19-3-1747. (6) Antje Sybrens, 1-1-1749, doop 5-1-1749 (dopeling is overleden). In 1749 is Sybren Ulbes 38j oud en wordt hij bij Quotisatie als “seer welgestelde bakker en boer” met gezin van 8 personen voor het forse bedrag van 101 Cgldns aangeslagen. De Quotisatiemeldingen betreffende gezinsgrootte vind ik wel vaker verwarrend en zo ook hier. Acht personen: 5 ouder dan 12, 3 jonger. Uit tweede huwelijk dochters Baukjen, (tweede) Tryntje en Antje nog in leven . Kinderen jonger dan 12 jaar. Voor 5 personen 12j of ouder in 1749 is geen verklaring. We hebben Sybren en Geertje als echtpaar plus de zonen Ulbe en Minne uit eerste huwelijk van Sybren. Maakt samen 4 en niet 5. Na 1749 uit huwelijk met Geertje Sibles nog: (7) Lolkjen Sybrens, 23-12-1750, doop 27-12-1750. (8) Sible Sybrens, doop 21-10-1753 (naam moeder niet vermeld). Geertje Sibles is hierna overleden. Sybren trouwt (3) 49j oud te Witmarsum 20-4-1760 met Fokeltje Lou(w)s uit Allingawier (Wonseradeeel, FR). Uit dit derde huwelijk: (9) Louw Sybrens, 6-1-1761, doop 20-3-1761, en de tweeling (10) Akke, 16-3-1763, doop 4-4-1763, en (11) Symen, 16-3-1763, doop 4-4-1763. Sybren trouwt tenslotte (4) 54j oud te Witmarsum 7-7-1765 met de jonge Pytje Hanses met wie hij het kindertal verder vergroot: (12) Antje, 15-6-1767, doop 28-6-1767. (13) Sieuke, 23-11-1768, doop 11-12-1768 (vernoeming van zijn eerste echtgenote?). (14) Bauke, doop 10-6-1770, de dopeling is overleden. (15) Eelkjen, 17-6-1771, doop 23-6-1771. (16) Bauke, 5-3-1773, doop 14-3-1773. (17) Iemkjen, 15-9-1778, doop 27-9-1778. (18) Jan, 12-11-1780, doop 19-11-1780.

De in 1749 vermelde en toen 38 jaar oude seer welgestelde boer en bakker Sybren Ulbes is na 1780 overleden en liet een groot aantal kinderen na. De welgesteldheid van die kinderen per stuk zal niet evengroot meer zijn geweest.

414.4. Bauke Ulbes, geb 10-10-1726 te Witmarsum, trouwt daar 4-10-1750, 23j oud met Yfke Wybes. Volgens doopregister uit dit huwelijk binnen 15 jaar 8 kinderen, 7 zonen en 1 dochter: (1) Ulbe Baukes, 12-11-1750, doop 22-11-1750. (2) Wybe Baukes, 24-12-1751, doop 26-12-1751. (3) Sybren Baukes, 22-12-1753, doop 30-12-1753. (4) Jan Baukes, 14-7-1756, doop 18-7-1756. (5) Lolle Baukes, 2-11-1758, doop 5-11-1758. (6) Tryntje Baukes, 11-12-1760, doop 14-12-1760. (7) Rommert Baukes, 3-5-1763, doop 8-5-1763. (8) Klaas Baukes, 23-9-1765, doop 29-11-1765.

Oudste zoon trouwt als Ulbe Baukes TIJMSTRA 19-3-1776 te Witmarsum met Lolkjen Sybrens REIDSMA. Bij naamsregistratie van 1811 wordt de TIJMSTRA-naam niet ingeschreven, maar wel vermeld omdat Bauke Ulbes TIJMSTRA als armvoogd wordt genoemd bij kinderen van een weduwe te Schraard. Deze Bauke Ulbes is 1777 geboren en 18-1-1848 overleden, 70j oud, weduwnaar, Bauke Ulbes TIJMSTRA.

De kleinkinderen van Ulbe Baukes en Trijntje Sybrens kozen of kregen per 1811 uiteenlopende achternamen. Interessant om op door te gaan. Maar dat doen wij hier dus verder niet. De dochter Aukje Ulbes (kw 207) heeft onze aandacht als oudovergrootmoeder in onze DE JONG-lijn.

  1. Berend (SCHOKKER), woonde rond 1700 te Wanneperveen (Overijssel)
  2. Reintgjen?

Uit dit huwelijk: Hendrik Berends Schokker (kw 212).

Voorvader Hendrik Berends SCHOKKER (kw 212) is na 1750 als vervener/veenbaas vanuit de streek rond Giethoorn (noordwest-Overijssel) naar het verveningsgebied in Haskerland (Friesland) getrokken. Hendrik is ca 1710 te Wanneperveen geboren, trouwt er ca 1737 met Grietje Franzen (kw 213). Oudste dochter wordt Reintgjen genoemd. Een Berent Hendriks wordt 16-4-1693 belijdend lid (doet belijdenis) van de Herv.Gem Wanneperveen. Maar dat dit dezelfde is als onze voorvader Berend mogen we nog niet met zekerheid stellen. Misschien geen verband. SCHOKKER of SCHOCKER: Suggesties over mogelijke herkomst van vroegere eiland Schokland in (vroegere) Zuiderzee. Bewijsmateriaal daarvoor ontbreekt, enkel de naam SCHOKKER doet eraan denken.

d) SCHIPPERS-kwartier (Friesland)

De SCHIPPERS-achternaam komt pas na 1811 in zwang en betreft dan de “stamlijn” in het Stellingwerfse deel van Friesland. Mogelijk rond 1750 al SCHUYT genoemd. Door huwelijken komen er relaties met families uit Schoterland/Aengwirden en Smallingerland. Enkele oudbetovergrootouders (Generatie 9) zijn bekend te maken. Een heleboel andere niet. Raadpleeg latere generaties. De SCHIPPERS-stamlijn wordt eerst serieus bekend rond Pieter Annes, doop Steggerda, Weststellingwerf FR, 21-7-1748 (Generatie 6, Oudouders). Boerenfamilie aldaar die SCHIPPERS-naam aanhoudt. Hoezo. Boeren in (aangetrouwde) voorfamilie:

  1. Liebbe Feddes trouwt ca 1645 (Aengwirden FR) met
  2. Griet Jelles

Uit dit huwelijk: Jelle Liebbes (kw 242). Voorouderslijn vanuit Aengwirden, direct benoorden Heerenveen. Kerkelijke registers betreffende trouwen en dopen ontbreken. De informatie moet dus uit andere bronnen komen en die zijn schaars. Aanname is dat Liebbe zoon is van Fedde Gosses (kw 968) die genoemd is als boer en dorpsrechter ca 1640 te Gersloot.

Aannemelijk is dat uit huwelijk van Liebbe en Griet ook een zoon Fedde Liebbes is geboren. Stemkohier 1728 Tjalleberd (Ae�ngwirden) Stem nr. 25. Zakelijk gerechtigden: Grietman Bouricius weduwe en erfgenamen, eigenaar Libbe Feddes, gebruiker Stemkohier 1728 Tjalleberd (Ae�ngwirden) Stem nr. 27. Zakelijk gerechtigden: Grietman Bouricius weduwe en erfgenamen, eigenaar Libbe Feddes, gebruiker

PM: Bij Quotisatie 1749 een Libbe Feddes, timmerman te Tjalleberd, gezin van 5 personen waarvan 1 jonger dan 12, aanslag 32 Cgldns 3 stuivers. Of dit een zoon of latere nazaat van de veronderstelde Fedde Liebbes is geweest, moet nog blijken. Genoemde timmerman vond zijn echtgenotes in het naburige Nijehaske (Haskerland, FR) en de trouwregisters Oudehaske-Haskerhorne uit die tijd zijn wel bewaard: (1) derde aankondiging 24-5-1722 (attestatie naar Aengwirden): Trijntje Karstes, Nijehaske, Libbe Feddes, Tjalleberd, (2) derde aankondiging 27-8-1724 (attestatie naar Aengwirden): Antje Harmens, Nijehaske, Libbe Feddes, Tjalleberd. Trijntje Karstes vermoedelijk in eerste kraambed overleden. Uit huwelijk met Antje Harmens 7 kinderen gedoopt te Aengwirden over de periode 1725-1738, maakt gezin van 9 personen, in 1749 5 personen overgebleven.

  1. Anne 487. Uit dit huwelijk: Auck Annes (kw 243).

  2. Hendrick Andries

  3. nn

Stemkohier 1698 Nijeholtwolde (Weststellingwerf) Stem nr. 14. Zakelijk gerechtigden: Hendrik Martens, eigenaar voor 1/8 - Jantjen Jellen, eigenaar voor ½ - Lycle Veltkamp, eigenaar voor 1/8 - Pier Luytjes, eigenaar voor 1/4; papist Hendrik Anders (ANDRIES), gebruiker

Stemkohier 1698 Nijeholtwolde (Weststellingwerf) Stem nr. 19. Zakelijk gerechtigden: Trijntie Lucas, eigenaar Hendrik Anders (ANDRIES), gebruiker

Ouders van (dopen Nijeholtwolde-Oldelamer-Wolvega, Weststellingwerf, FR): Andries Hendricks 9-1-1690 Jan Hendricks (kw 248) 25-7-1697 Roelof Hendricks 3-7-1701

Via zoon Jan Hendriks (kw 248) de latere VLEER- en FLEER- familielijnen (VAN FLEEREN, VAN VLEEREN). Er is ooit een herkomst verondersteld vanuit de kop van Overijssel, wat zeker een mogelijkheid kan zijn. Maar de relatie met Hendriks Jans en Geertjen Stevens die 4-9-1707 aldaar trouwden (Nieuw-Leusen/Ruitenveen, hij van de Ruite, zij van Egede, dienende (in) de Ruite) lijkt door de toenmalige onderzoeker te voorbarig te zijn gedaan. Het doopregister van Nieuw-Leusen meldt 8 dopen uit dit huwelijk en daarvan 2 maal een dopeling Jan Hendriks (1708 en 1720). Deze Jannen komen als mogelijke vader van zonen Hendrik Jans FLEER en Andries Jans FLEER niet in aanmerking. De vroegste data die we vonden, komen niet uit Ruitenveen of elders in de kop van Overijssel, maar uit Weststellingwerf (FR), tussen Tjonger en Linde. Er is een FLEER-lijn die rooms-katholiek is, waarschijnlijk niet verwant, en meer op en over de grens Friesland/Overijssel woont. In februari 1738 doop RK-parochie Steggerda van Jo(h)annes, ouders zijn afkomstig van De Hare (bij Steenwijk, OV), zoon van Otto Roelofs en Anna Maria Jacobs FLEER, peter: Jacob Jans FLEER, grootvader.

  1. Jan Migchiels, geb. ca. 1680
  2. Jekke Rinses, geb. ca. 1690. (IEKJE)

Uit dit huwelijk (minstens): Janke Jans (kw 253) (JANTJE) Reitze Jans.

Jan Migchiels mogelijk niet oudste zoon uit huwelijk van Michiel Roeloffs (kw 1012) en Grietje Jans. Het huwelijk tussen Jan Migchiels en Jekke Rinses niet vermeld gevonden. In 1728 wordt weduwe Jekke Rinses vermeld als gebruiker van de percelen 12 en 28 te Rottum. In 1698 wordt haar schoonvader als eigenaar en gebruiker van deze percelen genoemd. Stemkohier 1728 Rottum (Schoterland) Stem nr. 12. Zakelijk gerechtigden: Grietman Menno Coehoorn van Scheltinga, eigenaar Jan Michiels weduwe, gebruiker

Stemkohier 1728 Rottum (Schoterland) Stem nr. 28. Zakelijk gerechtigden: Grietman Menno Coehoorn van Scheltinga, eigenaar Jan Michiels weduwe, gebruiker

Voor 1728 zijn mogelijk zowel schoonvader Michiel Roeloffs als echtgenoot Jan Migchiels overleden en waarschijnlijk ook andere mannelijke rechthebbenden. Dochter Janke woont (met haar moeder?) in Oldeboorn wanneer ze in 1743 trouwt (kw253).

  1. Jacob Bonnes, geb Langezwaag (Opsterland FR) ca 1680, ovl Benedenknijpe (Schoterland FR) na 1749, tr (2) ca 1730 met Akke Sieses (weduwe?), tr (1) ca 1715 met
  2. Foock Siegers, geb ca 1680, ovl na 1722.

Uit dit huwelijk: Bonne Jacobs (kw 254), geb ca 1720, tr Tjalleberd (Aengwirden FR) ca 1754 met Pietje Wytzes (kw 255).

Stemkohier 1728 Langezwaag (Opsterland) Stem nr. 39. Zakelijk gerechtigden: Liebbe Hylkes, uit naam van zijn vrouw, eigenaar voor bijna ½. Jacob Bonnes, eigenaar en gebruiker voor ruim ½. Claas Roels (ROELOFS), gebruiker voor bijna ½.

Vader Bonne Lolckes (kw 1016) was in 1698 ook eigenaar en gebruiker van ruim de helft van Langezwaag stem 39. Jacob erfde dit, terwijl oudere broer Lolke Bonnes (ovl in 1742) andere belangen erfde. In 1728 wordt Jacob als eigenaar en gebruiker te Langezwaag vermeld, boer/huisman dus, bij de Quotisatie van 1749 als huisman te Benedenknijpe: gezin van 3 personen (elk ouder dan 12), aanslag 42 Cgldns, 3 stuivers.

  1. Wytze 511.

Uit dit huwelijk: Pietje Wytzes (kw 255).

Het dorpje de Rottefalle ontstond als veenkolonie tijdens de 17de eeuw, dus in de tijd van deze voorouders. Op de grens van drie grietenijen: Achtkarspelen, Tiertjerksteradeel en Smallingerland. De vervening vond plaats aan de westkant (het Zwartveen, richting Opeinde, Smallingerland) en aan de noordkant (het Witveen, richting Oostermeer, Tietjerksteradeel). Vergelijkbaar is het ontstaan van de veenkolonie Heerenveen op de grens van drie grietenijen: Haskerland, Aengwirden en Schoterland.
— Te Witveen-Rottevalle (voormalig hoogveen en heidegebied) vestigden zich ca 1620 doopsgezinden (o.a. Zwitserse vluchtelingen voor “het Calvinisme”). De doopsgezinde richting bleef hier minstens twee eeuwen lang sterk vertegenwoordigd. Na 1740 kwamen er Hervormde predikanten vanuit Oudega-Nijega-Opeinde (Smallingerland) te staan die Hervormde registratie sterk propageerden. Voor onze voorfamilie uit de streek ontbreekt die registratie vrij vaak. Misschien om dit, misschien om dat. Mogelijk zijn ze in Makkum gaan wonen, waar bij de quotisatie van 1749 een Claas Carsten wordt gemeld, gering schipper, gezin van 3 personen ouder dan 12 (aanslag 29 Cgldn 9 stuivers, vermogen 1000 Cgldn). Een minieme mogelijkheid dat dit “onze” Klaas Karsten was. Te Makkum woonde in die tijd (ook) een rooms-katholieke Klaas Karsten, ovl 25-9-1774. De melding van 1749 zal op hem betrekking hebben. Zie: Parenteel van Aable (HOFSTRA-genealogie). In doopregister is bij de kinderen alleen naam van vader Joucke Roels genoemd, behalve bij Carst, daar ook de naam van moeder Folkje Carstens. Melle, jongste kind, wordt 25 maart 1718 gedoopt, zonder aantekening dat de moeder is overleden. Joucke Roels trouwt al twee maanden na deze doop met Antje Jouckes. In doopregister geen meldingen van (dopen van) kinderen uit deze tweede relatie. Op 31-3-1704 werd Gerardus STEENSMA als kandidaat geapprobeerd voor de domineefunctie in de Hervormde Gemeente Oudega-Nijega-Opeinde (Smallingerland). Hij hield het er bijna 40 jaar vol en “is wegens ouderdom en zwakte hier emeritus geworden in 1742”. De hiaten in het doopregister zijn mogelijk aan “ouderdom en zwakte” van dominee STEENSMA te wijten. Per 26-5-1743 pas kreeg Oudega met Bernardus Hermanni VENEKAMP een volgende dominee die na 10 jaar weer vertrok. Bij Quotisatie 1749 staan voor Gersloot 15 gezinshoofden vermeld, voor het aanpalende Luxwoude (Opsterland, FR) slechts 3. De arbeyder Joghum Joukes is vanuit Zwartveen naar Gersloot getrokken en heeft met 7 personen er het grootste gezin, 4 anderen volgen met 6 gezinsleden. Bij de quotisatie werd welgesteldheid ingeschat en ook met kinder-toeslag rekening gehouden (meer kinderen = meer mogelijke verdiensten), anders dus dan latere kinderbijslag (meer kinderen = meer gezinskosten). Van de zeven “arbeiders”-gezinnen in het dorp kreeg Jochum met grote afstand de hoogste aanslag toegekend. Zijn 28 Cgldn 16 stuivers aanslag was de op 5 na hoogste. Boer en veenbaas Klaas Teunis (gezin van 6) spande qua aanslag in het dorp de kroon (51 Cgldn 7 stuivers), gevolgd door Jouke Sjoerds, een welgestelde boer, (gezin van 4, aanslag 43g, 19s), en de soebere (sobere) boeren Hamke Hotses (gezin van 6, aanslag 33, 7), Einske Jans (gezin van 6, aanslag 31, 7) en Johannes Tjibeles (gezin van 4, aanslag 29, 3). De welgestelde boer Korneles Heeres (gezin van 3, aanslag 27, 9) werd minder hoog aangeslagen dan arbeyder Joghum Joukes. – De drie te Luxwoude in 1749 vermelde gezinshoofden hebben volgens de aanslagen een zuinig bestaan: boer Arend Tjebbes (gezin van 4) krijgt aanslag van slechts 17 Cgldn 13 stuivers, koemelker Jan Dirx (gezin van 3) krijgt aanslag van 17 Cgldn 4 stuivers, en de weduwe Harmen Gjolts, suinig gestelt, aanslag van 12 Cgldn 13 stuivers. De “grote tijd” voor Luxwoude (en Luuksterhoek) als verveningsgebied startte pas enkele tientallen jaren later. Melding bij De Winkel (Winkelwaar). Nog na te zoeken. Melding bij De Winkel. Nog na te zoeken. Everhardus WIELINGA was getrouwd met POUTSMA-dochter en daardoor eigenaar/curator geworden. Zie elders in ons familieverhaal (Generatie 12). Terwispel stem 29 in 1698 voor 1/6 deel eigendom van en in gebruik bij Tjeerd Jeens (is dit dezelfde?). Foocke Ruirds is eigenaar en gebruiker van 1/3. Corneliske Wobbes is gebruiker van de andere helft (3/6), eigendom van Harcke Riencks (1/3) en Otto Eebles (1/6). In 1728 weer Tjeerd Jeens als eigenaar en gebruiker van 1/6. Maar dan: Antje Sjoerds. weduwe van Walle Tjeerds, eigenaar van 1/3, Douwe Ates als eigenaar en gebruiker van 1/3, en Tjeerd Jallerts idem. Aucke Rienx is gebruiker van 1/3, waarschijnlijk het part van Antje Sjoerds. -
— Tjeerd Jeens, volgens enkele genealogen in 1728 overleden, wordt in 1728 ook genoemd (indien dit dezelfde is) als mede-gebruiker van het hornleger Terwispel stem 38. Bleyke Wybes met haar dochter eigenaar en gebruiker voor de helft, Foocke Ruurds eigenaar voor ¼ (Jan Foockes gebruiker) en Johannes Teyes eigenaar voor ¼ (Tjeerd Jeens gebruiker).
— Is de genoemde Tjeerd Jeens steeds dezelfde? Nog na te zoeken. Kwartierstaat Egbert LANTINGA meldt haar als eerst gehuwd met Ate Ypes. In 1707 wordt deze Ate vermeld als doopsgezind lidmaat samen met zijn vrouw (Gorredijk-Lippenhuizen). Het is het jaar waarin Ate overlijdt. In 1698 (stemkohieren) wordt Ate vermeld als medegebruiker van de plaats Lippenhuizen stem 37 en Terwispel stem 19 (voor 1/3), samen met Pieter Bienses, bij LANTINGA genoemd als stiefvader van Ate.
— Volgens LANTINGA-rapport zou Wytske na overlijden van Ate naar Luinjeberd (Aengwirden) zijn vertrokken. Vervolgens toch getrouwd met Lieuwe Feddes, “boer en kerkvoogd te Lippenhuizen” (niet doopsgezind valt aan te nemen)? In 1728 Lieuwe vermeld als gebruiker van Lippenhuiizen stem 41, wat zijn vader in 1698 al was. Bij Quotisatie 1749 slechts 1 Lieuwe Feddes vermeld: te Ureterp (Opsterland), oud vrijgesel, suinig, aanslag 7 Cgldns, 15 stuivers. Dit lijkt me niet “onze” Lieuwe.
— Bij Quotisatie te Lippenhuizen een Hette Lieuwes, arbeyder, 4 pers ouder dan 12, 21-13 Cgldns, en een Anne Lieuwes, arbeyder, 4 pers van wie 2 jonger dan 12, 14-13 Cgldns. Dit als PM, want geen aantoonbaar verband met “onze” Lieuwe. Gestandaardiseerd patroniem bij Tresoar: KOENRAADS. Luitjen Coenes is mogelijk rond 1730 overleden. Hij had meer kinderen dan enkel Coene en Geert.
— Quotisatie 1749: Albert Luitjens, molenaar te Donkerbroek, gezin van 8 personen, van wie 3 jonger dan 12, aanslag 50 Cgldns, 7 stuivers. Een andere zoon? Paulus Jans VAN DER VEER gedoopt op belijdenis te Oosterend (Hennaarderadeel, FR), Herv Gem, 20-1-1730, laat op dezelfde datum ook 5 kinderen dopen: Hanna, Jan, Janneke, Pytter en Tanneke. Een heel feest dus. De dochter Lysabet (Elisabeth) gedoopt 6-5-1731. De trouwregisters van Peursum 1692-1720 zijn digitaal toegankelijk en melden geen Rom, Romp of Roem. Ons verslag is van na 1720. Huwelijk te IJsselmonde. Er is ook melding dat dit huwelijk in de Nieuwe Kerk te Delft werd gesloten. Bij besluit door de Staten van Holland per 24-9-1663 mocht de Hervormde gemeente van Ter Heijde een eigen predikant aanstellen, zodat men niet meer te Monster ter kerke hoefde te gaan. Inmiddels waren de Prinsen van Oranje tevens ambachtsheer van Monster geworden. Een predikant werd beroepen (ds. Wilhelmus Visch) maar de gemeenteleden moesten in een bovenzaaltje vergaderen, een kerk was er nog niet. Deze moest worden gebouwd en voor de eerste-steen-legging kwam de jonge prins Willem naar Ter Heijde (hij werd later nog koning van Engeland), op 1-11-1667. Die eerste-steen-legging gebeurde overigens toen de kerk al vrijwel klaar was en er al deftige huwelijken in werden gesloten (J.G.de Ridder pag 55), want in zo’n door Oranjes gebouwde kerk wilden deftige mensen wel graag trouwen, al woonde men heel ergens anders. Ter Heijde had natuurlijk ook een wat magische klank gekregen door de zeeslag tegen de Engelsen die daar in 1653 voor de kust plaats vond en waarbij de admiraal Maarten Harpertszn TROMP was gesneuveld. De Engelsen wonnen, maar kwamen niet aan land. Hoe het ook zij, in 1675 werd onze voorvader Claes van den Eendenburg in dit fameuze kerkje gedoopt. Voorvader Willum Anssum van Spronsen werd in de Nieuwe Kerk van Ter Heijde in 1670 gedoopt. Ruim twee jaar nadat deze kerk werd ingewijd (eerste-steen-legging door prins Willem van Oranje). Om dit kerkverhaal volledig te maken: Deze fameuze kerk bestond slechts een halve eeuw. In 1720 moest besloten worden een weer nieuwere kerk te bouwen, bijna een halve kilometer meer landinwaarts. Waarom? Vanwege de oprukkende zee. De in 1612 voorgestelde kustverdediging was nog lang niet voltooid en onvoldoende uitgevoerd. De doopkerk van Claes en Willum is dus ook al lang weer verdwenen. De rond 1720 gebouwde kerk is dankzij betere kustbescherming sindsdien wel overeind gebleven, dat wil zeggen na diverse restauraties staat dat gebouw nog steed op de toen gekozen plek. In de sinds mei 1659 volledig gerestaureerde Hervormde kerk van De Lier. Zie voetnoot bij melding betreffende haar grootouders Cornelis Vergoude en Lijntge Jans, kw 1492 en 1493. In de Kwartierstaat Van der Krogt wordt Geertje niet genoemd, of eigenlijk toch wel: als dochter van Willem van Spronsen (kw 372) en Lijntje Vergoude (kw 373) en als getrouwd met Arent Laurensz VAN SPRONSEN. Hier is dus sprake van een verwisseling. Andere bronnen noemen Geertje Laurensdr als getrouwd met Arent Willemsz VAN SPRONSEN – de lijn die wij hier ook volgen. In de Kwartierstaat Van der Krogt gaat het om een opmerking in de marge (Jan Laurensz is er de hoofdlijn) en met jaartallen die niet kloppen. De Oranjepolder, ten zuiden van Naaldwijk en ten westen van De Lier, werd in 1644, in de laatste jaren van stadhouder Frederik Hendrik, bedijkt. De functie van spuiwachter bleef kennelijk formeel op naam van Jochum Jacobsz VREUGDENHIL staan in de eerste maanden na overlijden. De functie ging daarna over op zijn zoon Cornelis Jochumsz (kw 188). Dit echtpaar aftakking in genealogie De Hek – Van Oosterhoud. Zus van Lijsbeth Cornelisdr VAN DER KOOIJ (kw 335). Kwartierstaat Kim Dijkxhoorn. Hij was broer van Jan Willemsz SWAENSWIJK die met Lijsbeth VREUGDENHIL is getrouwd. Mogelijk trouwt Harmen als weduwnaar nog met de weduwe Yttje Wibrandi HAANSTRA (zij van Witmarsum volgens huwelijksmelding): Woudsend 19-5-1755. Dit nog uit te pluizen. Geen kinderen van Harmen en Yttje in ieder geval. In 1749 wel melding van een Hendrik Oenes, boer te Lippenhuizen (Opsterland, FR), gezin van 5 personen waarvan 2 kinderen jonger dan 12. Aanslag 33-13 Cgldns. Dit slechts PM. Voor zijn “boetpreek” kiest Johannes RUDOLPHI als uitgangspunt de bijbeltekst 2 Kronieken 33, verzen 12 en 13: “Maar, toen hij in het nauw geraakt was, zocht hij de gunst van den HERE, zijn God; hij verootmoedigde zich diep voor het aangezicht van de God zijner vaderen en bad tot Hem; toen liet Hij Zich door hem verbidden, hoorde zijn smeking. Bracht hem naar Jeruzalem terug en herstelde hem in zijn koningschap.” Behoorlijk arrogant, lijkt me deze keuze. In de voormiddag had ds BANGMA, gecommiteerde namens de klassis, zijn preek gebaseerd op de tweede brief van Paulus aan de gemeente te Corinthe (Griekenland, 2 Corinthiërs 6-8). Over dienstwerk, blijdschap na droefheid, opwekking tot offervaardigheid. De achternaam VLIETSTRA verwijst mogelijk naar de buurschap Vliet (It Fliet) bij Witmarsum, een vaarroute aan de oostkant van het dorp. Bij Quotisatie van 1749: Atse Jans BERGSMA te Heeg, coopman, gezin 7 personen van wie 3 jonger dan 12, aanslag 63 Cgldns. Van de kroonluchters in de Haghakerk te Heeg werd éen betaald/geschonken door “A J B, Ymkjen Ulbes, 1748” volgens inscriptie (bron: de Walle, “Friezen uit vroeger eeuwen”). Witmarsum stem 17 is in 1698 eigendom van Jacob Sytzes, met Sytze Hettes als gebruiker. Dat deze plaats in 1728 door vier partijen (namens vrouw) is opgedeeld, heeft waarschijnlijk een achtergrond. Nog aan te vullen. Trijntje Sybrens REIDSMA trouwt 1-12-1765 te Burgwerd met weduwnaar Jan Klases BUWALDA. “Zij heeft consent van haar vader Sybren Ulbes, Witmarsum”. In 1765 de REIDSMA-naam in gebruik. De aantekening “de dopeling is overleden” in doopregisters betekent niet altijd dat dit overlijden kort na de doop plaats vond. Het is een toevoeging die ook heel veel jaren later kan zijn ingeschreven bij een overlijden van de betreffende persoon. De toevoeging schijnt tamelijk willekeurig te gebeuren. Allingawier is een dorpje bij Makkum, ca 10km bezuiden Witmarsum.