Generatie 11 — Detail
Generatie 11 (stam-grootouders, 1024-2047)
a) VAN DER HOEK-kwartier (Friesland)
- Tys Sjoerds, geb 1604, boer/schipper, Oostermeer, tr in 1628 met
- Jantien (Jantsje, Jantje) Tammes, geb 1602, ovl in 1635 (?).
Uit het huwelijk is alleen de zoon Tamme bekend. De voornaam Tys te herleiden naar Thijs, Matthijs, Mattheus, een kerkelijke doopnaam. En in dit geval: Tys wordt vernoemd naar zijn groootvader van moederskant.
Ouders van: Tamme Tijses (kw 512).
Tys Sjoerds en Jantsje Tammes zijn beiden mogelijk niet oud geworden. Misschien waren er naast Tamme andere kinderen. De combinatie boer/schipper te Oostermeer (Eastermar) bezuiden het Bergumermeer is voor die tijd niet vreemd. Vanuit het “Hoogzand”, de oude dorpskern, groeide het dorp door veengraverij in zuidelijke richting uit. De buurschap Witveen ontstond en aan de afwateringskant de insteek-haven (voor schippers) Oostermeer. Dit Oostermeer aan de Lutsstroom tussen Bergumermeer en het door de veengraverij (later) ontstane meer De Leijen was tot in de 18de eeuw belangrijk en welvarend dankzij turfhandel en schipperij.
Te Oostermeer in de jeugdjaren van Tys Sjoerds is Eercke Meyerts HAERSMA oa dorpsrechter (HAERSMA-familie, zie bij Generatie 12). Geen familieverbanden met Tys Sjoerds. Mogelijk wel werkverband.
- Sjoerd (Sierd) Clases, trouwt te Opeinde voor 1635 met
- Jouck Wolters
Ouders van: Hiltje Sjoerds (kw 513). Deze is ca 1635 geboren. De trouwregisters Oudega/Opeinde beginnen in 1640.
- Harcke Ritskes, geb Oostermeer ca 1628, ovl voor 1669, trouwt (?) ca 1648 met
- n.n. Geen meldingen van huwelijk en dopen. Deze stamgrootmoeder blijft voorlopig van naam onbekend. Mogelijk was zij dochter van ene Freerck.
Ouders van: Freerck Harckes (kw 514), geb ca 1648, tr 4-5-1665 met Taepke Tjallings (kw 515) Ritske Harckes, geb ca 1650, ovl ca 1683, tr ca 1672 met Hiltje Warners
Harcke en zonen Freerck en Ritske trouwen alledrie op jonge leeftijd, zo schijnt. Dat Freerck en Ritske broers waren is nog veronderstelling (van vader Harcke en niet genoemde partner immers geen meldingen). Sommige auteurs laten Freerck zoon zijn van Harcke Ritskes (kw 4112), volgens mij zijn overgrootvader. In dat andere script zou hij ca 1600 geboren zijn en rond zijn 65ste met Taepke Tjallings getrouwd (bij wie kinderen).
— Huwelijk van Freerck Harckes (1665) wel in kerkregister, dat van Ritske Harckes (ca 1672) weer niet. Opmerkelijk is dan weer dat dochters van Freerck (Hincke 6-1-1665 en Bauck 29-4-1665) gedoopt worden voordat zijn huwelijk met Taeb Tjallinghs 4-5-1665 kerkelijk wordt bevestigd. Die bevestiging valt samen (Herv Gem Oudega-Nijega-Opeinde 4-5-1665) met huwelijk van Tjeerd Tjallinghs.
Huwelijk van Ritske Harckes met Hiltje Warners weer niet in kerkregister. Wel dopen van (eerste?) twee kinderen: Wik(je) doop Oostermeer 30-11-1673, Warner Ritskes doop Oostermeer 16-1-1676.
Freercks jongere broer Ritske Harckes (broer volgens onze aannames), geb ca 1650, ovl ca 1683, rond 33j oud, tr ca 1672, rond 22j oud, met Hiltje Warners, afkomstig van Noorderdrachten, dv Warner Warners en Wikje Martens. Ritske ontpopt zich al vroeg (mogelijk na overlijden van vader Harcke) als vervener op het Witveen, bezuiden Oostermeer, en handelaar. Rond zijn 20ste wordt hij vermeld (22-11-1669) als koper, samen met compagnons, van een perceel hoogveen in de Rottevalle, zuidelijk van Witveen, voor een bedrag van 750 Caroliguldens. Mogelijk was hij jongste partner bij deze investering en was huwelijk met Hiltje uit Noorderdrachten een gevolg van handelscontacten. Eerste kinderen uit zijn huwelijk vernoemd naar Wikje Martens en Warner Warners, de ouders van Hiltje. In 1673 (10-11-1673) koopt hij verder land en boerderij op het Witveen. In 1678 nog een verder stuk land aldaar (voor 490 Cgldns): de achttienen van Tiomme Jans wonend te Swarte Sluys. Kortom, Ritske is nog geen 30 en als vervener al een behoorlijke baas. In 1676 (16-1-1676) wordt zoon Warner Ritskes gedoopt en tegelijk ook de moeder Hiltje Warners. Eerder (30-11-1673) werd een dochter Wikje gedoopt.. Het “succesverhaal” van Ritske Harckes eindigt abrupt, want hij overlijdt. Ruim 30 jaar oud. Hiltje Warners trouwt (2) Oostermeer 10-1-1684 met Wate Botes, en (3) Eestrum (zusterdorp van Oostermeer) 24-11-1695 met Jelle Sybrens (weduwnaar van Aeltje Ritskes, tante van Ritske?).
De zoon Warner Ritskes, doop Oostermeer 16-1-1676, wordt vader van 15 kinderen (zo lijkt), tr (1) 5-11-1693 met Hiltje Jans en (2) 17-1-1723 met Jitske Minses. Uit laatste huwelijk enkel een zoon Jan, gedoopt 11-7-1728. Uit eerste huwelijk 14 kinderen en uiteindelijk slechts enkele “levensvatbaar” (doopdata Oostermeer): Styntje 26-5-1695, Ritske 18-10-1696, Ritske 12-12-1697, Ritske 11-8-1700, Jan 23-4-1702, Jan 7-12-1704, Jan 28-2-1706, Harke 6-1-1709, Rienk 14-2-1710, Johannes 10-5-1711, Joannes 18-3-1714, Petrus 8-9-1715, Petrus 13-12-1716, Hiltie 26-8-1718.
— Warner Ritskes was ongeveer 17j oud, toen vader Harcke overleed en moeder Hiltje met Wate Botes trouwde. In stemkohieren van 1728 komt een Warner Ritskes voor als eigenaar (samen met Oeds Hendrix) van de helft van Suawoude stem 3, de weduwe en erven van Gerryt Rinnerts zijn eigenaar van de andere helft. Rinnert Gerryts en Gerryt Claases zijn gebruikers.
— Of dit dezelfde Warner Ritskes is geweest, valt nog te bezien.
-
Tjallingh 1031. Ouders van: Taapke (Taeb) Tjallings (kw 515) Op 4-5-1665 trouwen (Herv Gem Oudega-Nijega-Opeinde) Taeb Tjallinghs zowel als Tjeerdt Tjallinghs. Taeb, afk Oostermeerderveen, tr Freerck Harckes (kw 514), afk Oostermeerderveen. Tjeerdt, afk van Het Veen, tr Siouck Romckes, afk Deinum.
-
Hans Hanses
- Wypk Jochums
Ouders van: Jochem Hanses (kw 516)
- Gerloff Jacobs, geb ca 1580 te Bergum (Tietjerksteradeel, FR), ovl na ca 1657 te Opeinde, gehuwd met
- Sijke Bauckes, geb ca 1582 te Oostermeer, ovl na 1658 te Opeinde
Ouders van: Minke Gerloffs (kw 517)
- Rinse Rienks = 520.
- Wietske Jelkes = 521.
- Jallert Tjeerds = 522.
-
nn = 523.
-
Wolter Claes
- n.n. Uit huwelijk: Anske Wolters (kw 528) Claeske Wolters, geb ca 1590, gehuwd met Wytse Oenes Hendrick Wolters, geb ca 1590, gehuwd met Ferdu Wytses Cleis Wolters, gehuwd met Trijn Hendricks Jan Wolters, huisman te Katlijk, geb ca 1615, ovl ca 1660. Gehuwd (1) met Baertie Roons (dochter van Roon Reitses en Hantien Jans). Uit dit huwelijk de zonen Gerke Jans, dorpsrechter in 1698, en Rieuwert Jans. Gehuwd (2) ca 1650 met Sibbel Geerts (dochter van Geert Harmens en Aeltien Peter Meines). Uit dit huwelijk een zoon Wolter Jans. Sibbel Geerts trouwt (2) met Jan Rinkes, boer en dorpsrechter te Rottum.
PM: Er is een Wolter Jans te Rottum (1707) die als mede-curator optreedt voor de kinderen van zijn overleden (half)broer Geert Jans, samen met zijn andere (half)broer Rinke Jans. Geert (“afkomstig uit Gaast”) is voor 30 oktober 1699 overleden. In een schuldakte (Opsterland 175 (X13) folio 606) van 30-10-1699 wordt gemeld: Berber Bernardus HAARSMA, weduwe van Geert Jans, voor zich en voor haar minderjarige kinderen schuldig aan Uylckien Auckes, weduwe van Bernardus HAERSMA. Onderpand: land te Langezwaag gekocht op 29-4-1694 van Jochum Egberts. Deze Wolter Jans is zoon van Jan Wolters, boer te Katlijk, en Sibbel Geerts. Rinke en Geert hebben ook Sibbel Geerts als moeder, maar zijn uit haar tweede huwelijk. Volgens het stemkohier Brongerga/Mildam (1698 nr 22) zijn ze samen eigenaar van een stemhebbende boerderij aldaar: Rinke Jans en zijn broeders en kinderen mede-eigenaar voor 1/10.
b) ROEM-kwartier (Zuid-Holland)
- Jan Jansz ROM, geb. ca 1610, wijnkoper te Rotterdam, begr Rotterdam 29-11-1654, trouwt te Rotterdam met
- Jannetje Jorisdr, ovl na 1654 (Florisdr?)
Uit dit huwelijk: Jan Jansz ROM (kw 640).
Stamgrootouders in de ROEM-lijn. De familienaam komt in de 16de eeuw als ROM in de registers voor, in de 17de eeuw ook als ROM, maar gaandeweg tijdens die eeuw wordt de schrijfwijze ROEM. Of de benaming ROM of ROEM aan de wijnhandel is te danken kan worden bestreden. Er is ook een hiaat in de meldingen betreffende nageslacht van Jan ROM, wijnkoper te Rotterdam, en diens (latere) kinderen.
De Rotterdamse kerkregisters zijn sinds rond 1650 (na einde Tachtigjarige Oorlog) bijgehouden, incompleet bewaard. Dat stamgrootvader Jan Jansz ROM op 29 november 1654 te Rotterdam is begraven, staat gemeld. Ook dat hij wijnkoper was en echtgenoot van Jannetje Jorisdochter. Gegevens over trouwdatum en kinderdopen ontbreken. Op 6-10-1652 wordt een kind van Jan Jansz ROM begraven. Op 26-4-1669 trouwt Jan Jansz ROM (kw 640), vermoedelijk de oudste zoon van stamgrootouders Jan en Jannetje. Mogelijk was Jannetje Florisdochter en niet Jorisdochter (foute lezing van begraafregister – zie naamgeving kleinzonen).
- Nicolaes (Claes) Roockusz VOSBURGH, geb ca 1620. Woonde te Rotterdam aan de Wijnstraat. Vermoedelijk ook wijnkoper of assistent-wijnkoper. Overl na 1682. Trouwt (2?) te Rotterdam 1651 met Barbara Andries DE BOCHON, tr (3?) te Rotterdam 7-10-1666 met Maria LAMBRECHTS (Marijtje Lamberts), weduwe van Aert Harmensen. Trouwt (1) te Rotterdam ca 1645 met
- Pietertje/Petronella (?)
Uit dit huwelijk: Marijtje VOSBURG (kw 641).
Remonstrants. In 1651 trouwt Claes Roockusz VOSBURGH met Barbara Andries DE BOCHON, in waarschijnlijk tweede huwelijk. Dochter Marijtje (kw 641) bestaat dan al en stamt uit een eerste huwelijk. De naam van haar moeder (onze stamgrootmoeder) is niet overgeleverd, maar luidde wellicht Petronella (Pietertje). Uit huwelijk met Barbara De Bochon minstens twee dochters: Dina en Cornelia VOSBURG(H). Stamgrootvader Claes is (weer) weduwnaar, wonende aan de Wijnstraat te Rotterdam, wanneer hij 7-10-1666 trouwt met Marijtje LAMBERTS, wonende aan de Korte Wagenstraat, weduwe van Aert Harmensen.
Claes (Nicolaes) VOSBURGH wordt genoemd als doopgetuige bij de zonen Niklaes, Nicolaes en Claes van Jan Janse ROM en Maria VOSBURG (kw 640/641). In 1682 samen met Maria LAMBRECHTS ook bij de doop van kleinzoon Floris. Bij de doop van kleindochter Pietertje (1684) wordt Maria Lambrechts als getuige genoemd en niet Claes.
- Leendert Leendersen VAN DEN EIJCK, geb. ca 1600
- (Izaaksdr ?)
Uit dit huwelijk: Izaak van der Eijk (kw 668).
Zoals hiervoor gemeld (kw 668) hebben we nog geen bronnen die de relatie duidelijk bevestigen. De veronderstelling is dat de voornaam Izaak afkomstig is uit de familie van de nog niet genoemde eerste echtgenote van Leendert Leendersen van den Eijck, die een van onze stamgrootvaders zou zijn. Izaak zou een tweede zoon uit dit huwelijk kunnen zijn geweest.
Op 8-1-1645 trouwt in de Nieuwe Kerk te Delft Leendert Leendersen van den Eijck, “weduwnaar, afkomstig van Naaltwijck”, met Maertie Jacobs, “jonge dochter, afkomstig van Maeslant.” Stamvader Izaak is rond tien jaar oud wanneer zijn vader hertrouwt.
- Abraham Pleunen VAN DER KOOIJ, geb te Delfgauw rond 1590, wonende te Delfshaven aan de oostzijde van de Schie, “bouwman”, overl aldaar dinsdag 10-9-1652, ongeveer 62 jaar oud, trouwt in tweede huwelijk 16-1-1637 in de Nieuwe Kerk te Delft met
- Maertgen Joppen VERBOON, geb te Pijnacker, ovl na 1658 te Delfshaven.
Uit dit huwelijk: Job, gedoopt 10-1-1638 te Delfshaven Cornelis, gedoopt 12-2-1640 te Delfshaven (jong overleden) Hilletgen, gedoopt 23-11-1641 te Delfshaven, trouwt op 29-jarige leeftijd te Delfshaven 23-11-1670 (haar doopdag!) met de 16-jarige cargadoor Vechter Jacobsz VAN DER KAEGH Cornelis Abrahamsz van der Kooij (kw 670) Trijntgen, gedoopt 2-4-1645 te Delfshaven, tr. 15-7-1674 te Rotterdam met de linnenwever Casper Dirksz VERBEEK, “afkomstig uit ’t Land van der Marck”. Stijntje, gedoopt 10-2-1648 te Delfshaven (een maandagdoop). Trouwt (1) te Delft 6-3-1667 met Jan Claessens VERSIJDEN, (2) te Rotterdam 22-1-1688 met Pieter Dirksz MINGES, geboren te Weesp, (3) te Rotterdam 26-7-1712 met Adrianus Jansz KONIJN. Bij het derde huwelijk is Stijntje 64 jaar oud. Overleden te Delfshaven 3-7-1727. Ingetje, gedoopt 24-10-1649 te Delfshaven, tr. 1-11-1676 te Delfshaven met Gerrit Claesz VAN SWOL. Overl. Rond 1769, ongeveer 30 jaar oud.
Stamgrootvader Abraham is rond 47 wanneer hij met stamgrootmoeder Maartje Verboon trouwt. Zij was ongetwijfeld een heel stuk jonger gezien de zeven kinderen die ze samen nog krijgen. Stamvader Cornelis Abrahamsz van der Kooij (kw 670) is 10 wanneer zijn vader overlijdt.
Het eerste huwelijk van Abraham was in december 1617 te Berkel (ZH) met Trijntje Claesdr VERMEER (attestatie afgegeven 24-12-1617 te Delft). Uit dat huwelijk drie kinderen: Neeltje, Jacob en Sijtgen. Meidje Sijtgen werd januari 1635 gedoopt, maar overleed kort erna. Moeder Trijntje Vermeer is ws ook door dit kraambed overleden. Abraham begon tweede huwelijk vrijdag 16-1-1637.
- Cornelis Jansz ZUIDHOORN, ovl te Hof van Delft voor 1648, ondertrouwd te Delft 7-11-1626, gehuwd te Vlaardingen met
- Weijntje Maartens, ovl te Hof van Delft na 1658.
Ouders van Elsgen Cornelisdr Suithoorn (kw 671).
- Arijen Joostensz VAN EENDENBURG, geb rond 1610, overl te Terheide voor 15-5-1689, trouwt met
- Maertje Siemonsdr VAN DER HEIJDE, overl tussen 20-4-1672 en 15-5-1689.
Uit dit huwelijk (minstens): Simon Arentsz van Eendenburg (kw 740).
- Claes Cornelisz VAN DER MARCK, geb te Zandambacht ca 1617, ovl voor juni 1667, weduwnaar van Annetje Jaspersdr, trouwt 12-3-1652 te ’s Gravenzande met
- Maartje Cornelisdr.
Uit dit huwelijk: Annetje Claesdr van der Marck (kw 741).
Het schijnt dat dochter Annetje in 1667 zwaar ziek was en dat voor haar leven werd gevreesd. Het meisje, hooguit 15 jaar oud, laat haar deel van de erfenis over aan haar moeder: Annetje Claesdr. Van der Marck, jongedochter wonende te Monster, ziek te bed liggende, laat al haar roerende en onroerende goederen na aan haar moeder Maertje Cornelis, laatst weduwe van Claes Cornelisz van der Marck, comparants vader zaliger. (Archief ’s-Gravenzande nr 4619-1620). De weduwe Maertje is van plan opnieuw in het huwelijk te treden, nu met Arij Arents, tuinman. Annetje bleef gelukkig in leven, trouwde Simon Arentsz van Eendenburg (kw 740) en werd een van onze voormoeders.
- Jan VAN DUYN 1485.
Uit dit huwelijk: Arij Jansz van Duyn (kw 742)
- Cornelis 1487.
Uit dit huwelijk: Wijve Cornelisdr “afkomstig uit Monster” (kw 743)
- Arijen Ansumse SPRONZEN (= 748)
-
Lijsbeth Arijens VAN TEYLINGEN (= 749)
-
Jan Willemsz VAN DAM
- Marijtje LAMMENS.
Ouders van: Appolonia Jansdr VAN DAM (kw 745).
- Cornelis Ijsbrantszn VERGOUDE, trouwt 1632 te De Lier met
- Lijntge Jans
Uit dit huwelijk: Jan Cornelisse Vergoude (kw 746)
- Arent VAN PROOIJEN 1495.
Uit dit huwelijk: Diewertje van Prooijen (kw 747)
- Ansem Jansz VAN DER SPRONSE, ged. 16-10-1588 te Naaldwijk (“Anselmus”), overl 1625 te Honselersdijk, 36 jaar oud, trouwt 20-11-1611 te Naaldwijk met de nog heel jonge weduwe:
- Machtelt Cornelisdr VAN DER MEER, ged. 26-1-1592, overl 23-2-1641, 49 jaar oud.
Uit dit huwelijk: Cornelis, gedoopt te Naaldwijk 22-1-1617. Jong overleden. Arijen (Arent), gedoopt te Naaldwijk 5-5-1619 (kw 1488 en kw 748). Jan, gedoopt te Naaldwijk 4-12-1622. Jong overleden.
Ansem huurde een huis met boomgaard te Honselersdijk. Misschien was hij fruitkweker (zoon en kleinzonen werden marktschipper). Wanneer Ansem overlijdt is zijn zoon Arijen (of Arent) nog pas 6 jaar oud.
Of de 36-jarige Ansem een pest-slachtoffer was, weten we niet. Wel is bekend dat deze gevaarlijke ziekte in 1624 en 1625 weer heftig woedde, vooral ook in Delft en omgeving. Te Delft begon de ziekte onder de daar gelegerde soldaten, te Rotterdam op de oorlogsschepen. In Delft stierven in twee jaar rond 8.000 mensen en dat op een bevolking van ruim 22.000. In Londen overleden in 1625 ruim 35.000 mensen aan de ziekte. De koning verliet de stad en het Engelse parlement verhuisde naar Oxford. Ongeveer 18.000 Londense gezinnen slaan ook op de vlucht, “maar aangezien haast niemand hen wil opnemen, sterven er velen in het open veld.”
Machtelt is rond 33 jaar oud en alweer weduwe. Ze trouwt een derde maal (in ieder geval vóór 25-5-1639, maar mogelijk al veel eerder), nu met Dingenaer Cornelisz. Arijen Anghsompsz., zoon van Machtelt Cornelisdr van der Meer, in echte gewonnen bij wijlen Anghsom Jansz., krijgt voogden toegewezen. Op 25 mei 1639 verklaren de weesmeesters en substituut-baljuw van Monster een akte te hebben gezien en te bevestigen, ondertekend door die voogden, waarin Machtelt belooft haar zoon Arijen “wanneer hij 22 jaar geworden was, ter voldoening van zijn vaders erfdeel 50 Carolusguldens te betalen en daarbij een bed met toebehoren of in plaats daarvan nog eens 50 Carolusguldens” en tot die tijd zou ze hem onderhouden. Arijen is dan juist 20 en volgens de controleurs keurt hij dit contract goed.
In 1641 wordt hij 22 jaar en waarschijnlijk heeft hij de bedragen geincasseerd, want we zien (kw 748) dat hij als jongeman in 1643 twee schuiten koopt en in 1645 een huis en erf aan de vaart te Monster
- Arie Louwen VAN TEIJLINGEN (Arijen Lourijsz.), kleermaker, herbergier, gehuwd (1) ca 1625 ? met
- Maartje Jacobs
Uit dit huwelijk: Lijsbeth van Teijlingen (kw 749).
Arij VAN TEIJLINGEN gaat 28-1-1652 te Monster in ondertrouw met Haasje Jans. Het huwelijk met Maartje Jacobs en de geboorte van Lijsbeth was in de periode daarvoor.
Hij staat als kleermaker te boek en koopt 2-8-1642 te Monster de herberg “Het Gulden Vlies” van de weduwe Elsgen Cornelisdr van der Kroegh, weduwe van Joris Jans (van Campen). In 1663 staat hij vermeld als rentmeester van de “arme cameren goederen” te Monster. Hij is overleden tussen 14-5-1664 en 19-12-1667.
- Blasius Joosten VOS DE HOOGWERFF, geb Monster ca 1600, trouwt aldaar ca 1625 met
- Joseffien Willems BOOGERT
Ouders van: Arij Blase VOS (kw 750).
- Cornelis Willemsz COUCK (ook: Coucxs VAN MAERLEVELT of Van MARELEVELT), geb Monster ca 1600, in 1607 onmondig beleend (zijn grootvader overleed in 1602, zijn vader voor 1607), ovl Terheide voor 30-5-1666, getrouwd voor 1630 met
- Machtelt Adams VAN DIJCK, geb ca 1600, ovl Terheide 22-5-1667.
Het echtpaar is in het duindorp Terheide ten westen van Monster gaan wonen (komen daar voor in een akte van belending uit 1648).
Op 28-9-1670 wordt (na overlijden Cornelis in 1666 en overlijden Machtelt in 1667) de boedelscheiding notarieel bekrachtigd, met als vermelde erfgenamen uit het huwelijk de kinderen, 1 zoon, 3 dochters:
Adam (Aem) van Marelevelt Lijsbet van Marelevelt, huwde met Theunis Pouwelsz. Van der CLEY Jannetie van Marelevelt, huwde met Jan Gerritsz. MIJNHEER Maertien van MARELEVELT (kw 751), huwde (2) met Arij Blase VOS (kw 750).
- Ary Jacobszoon (van) VREUGDENHIL, geb. te Naaldwijk 1612, arbeider, ovl na 14-1-1673, trouwt 19-8-1640 te Naaldwijk met
- Jannetje Pietersdochter, overleden te Naaldwijk.
Uit dit huwelijk: Willem Ariensz VREUGDENHIL, gedoopt te Naaldwijk 19-8-1640. Pieter Ariensz VREUGDENHIL, gedoopt te Naaldwijk 18-5-1642, trouwt te Naaldwijk op 12-8-1663 met Trijntje Jans VAN DIJCK, afkomstig uit Naaldwijk. Jacob Ariensz Vreugdenhil (kw 752). Heiltje Ariensdr VREUGDENHIL, gedoopt te Naaldwijk 22-12-1647. Grietje Ariensdr VREUGDENHIL, gedoopt te Naaldwijk 26-11-1651. Maartje Ariensdr VREUGDENHIL, gedoopt te Naaldwijk 2-7-1656.
- Jochem Gerritsz VAN OUTSHOORN, ovl te Naaldwijk na 5-12-1649, trouwt 17-1-1638 met
- Maartje Meesen (Meesdochter), gedoopt te Naaldwijk 16-4-1617, ovl aldaar na 5-12-1649, minstens 32 jaar oud.
Uit dit huwelijk: Aerijaantje Jochums VAN OUTSHOORN, gedoopt te Naaldwijk 17-1-1638. Maartije Jochums VAN OUTSHOORN, gedoopt te Naaldwijk 31-7-1639. Neeltje Jochums VAN OUTSHOORN, gedoopt te Naaldwijk maart 1648. Mees Jochumsz VAN OUTSHOORN, gedoopt te Naaldwijk 5-12-1649, trouwt op 38-jarige leeftijd 12-8-1668 te Naaldwijk met Maria Pieters VALCK, geboren te Naaldwijk, begraven aldaar 15-3-1702, dochter van Jacob Pietersz VALCK en Maartje Gerrits VAN WESTEN. Geertje Jochums VAN OUTSHOORN, gedoopt te Naaldwijk 24-11-1652 (kw 753). Gerrit Jochums VAN OUTSHOORN, wonend te Naaldwijk, overleden na 3-3-1728, trouwt 23-9-1664 te Delft (gerecht) met Lijsje Jans VAN RIJN, wonend te Naaldwijk.
Tussen kind twee, Maartje, en kind drie, Neeltje, zit een periode van bijna 9 jaar, waarin misschien geboortes mis gingen.
- Yzebrand Cornelisz COREN, geboren 1613/1614, touwslager te Monster, ovl aldaar na 31-7-1677, trouwt (1) te Monster rond 1645 met
- Fijtje Lucasdr VAN DER VLAM, geb ca 1615, ovl te Monster voor 1670.
Uit dit huwelijk: Lucas Ysbrandsz VERKOORN, geb te Monster rond 1645 (kw 754).
Na overlijden van Fijtje gaat Yzebrand 17-7-1670 te Monster in ondertrouw en trouwt hij (2) 24-8-1670 te ’s Gravenzande, ruim 55 jaar oud, met Annetje ARIENSdochter. Hij was touwslager van beroep en volgens een notarisakte verkoopt hij per 31-7-1677 zijn lijnbaan te Monster, hij is dan rond 63 jaar oud.
- Gerrit Rochusz VAN DER VALK, gedoopt te Naaldwijk 5-6-1611, ovl te Blankenburg na 4-7-1663, trouwt 10-5-1637 te Naaldwijk met
- Leuntje, geb ca 1610, begraven te Naaldwijk 30-11-1644.
Uit dit huwelijk: Lijsbeth Gerritsdr VAN DER VALCK (kw 755).
- Kommer CHARLOIS (SAARLOOS), geb ca 1610, woonde te Numansdorp (Middelsluis) 1521.
Ouders van: Arie Kommersz SAARLOOS (kw 760) Cornelis Commersz
De naam CHARLOIS, later verbasterd tot SAARLOOS, zou verband kunnen houden met herkomst uit het dorpje Charlois bij Rotterdam. Bij de inrichting van de Hoeksewaardse polders waren veel arbeidskrachten nodig. Misschien was Kommer ook al “schieter van sloten”, zoals later zoon Arie en kleinzoon Cornelis en mogelijk ook andere familieleden.
-
Arie 1523. Ouders van: Mayken Ariensdr (kw 761)
-
Anthonis Symonsen SLOTER, geb ca 1600, korenmolenaar te Westmaas en later te Mijnsheerenland, gaarmeester van de verpondingen (belastingpachter) 1653-1656 te Mijnsheerenland, trouwt daar (2) 19-7-1655 met Adriaentje BIJL, trouwt (1) ca 1630 (?), vermoedelijk te Westmaas met
- Marichje Jansdr VINCK, ovl voor 1654.
Ouders van: Dirck Anthonisz SLOTER (kw 762)
Dirck volgde zijn vader op als korenmolenaar te Mijnsheerenland. De bijnaam SLOTER (later VAN DER SLOOT) heeft te maken met de aan het molenaarsberoep verbonden zorg voor een goede verzorging van de waterhuishouding in de polder (“molensloten”), zij waren dus tevens vaak “slotenschieters”. Het beroep van sluiswachter (sluisbeheerder) lag in het verlengde van al deze taken.
- Gijsbert Cornelisz BOER, geb ca 1580, ovl voor 1650, na 1634 gehuwd met
- Anneke Adriaensdr TOL, geb te Zwijndrecht in 1595, ovl te Mijnsheerenland na 1675, trouwt (1) op 30-6-1615 te Zwijndrecht met de jonge dominee Timotheus WIJCKENTOORN, geb in 1585, ovl 28-5-1634 in Mijnsheerenland. Anneke trouwt (2) na 1634 met Gijsbert Cornelisz BOER en (3) 12-12-1650 (?) met ene Jan Jansz.
Uit huwelijk van Gijsbert en Anneke: Pieternella Gijsberts BOER (kw 763)
Domineesweduwe Anneke Adriaensdr (Wijckentoorn) nadert al de 40j wanneer ze in tweede huwelijk trouwt met Gijsbert Cornelisz BOER. Uit dit huwelijk wordt stammoeder Pieternella geboren. Stamvader Gijsbert BOER is 50-plusser wanneer hij met weduwe Anneke trouwt en nog de dochter Pieternella (kw 763) krijgt. Hij is boer met aanzien die in de polder meedraaide in het bestuur (als schepen te Mijnsheerenland en na 1640 als stadhouder).
-
Cornelis (MEESTER?), geb ca 1618? te Goudswaard 1529. Ouders van: Gerrit Cornelisz (kw 764)
-
Jacob 1531.
Ouders van: Wijvetie Jacobs (kw 765)
- Leendert Leendertsz SPUIDIJK (“de Oude”), schepen van Nieuw-Beijerland, geb aldaar ca 1612, gehuwd met
- Maria Pietersdr ROOBOL, geb te Nieuw-Beijerland ca 1604, ovl voor juni 1680
Ouders van: Leendert Leendertsz SPUIDIJK (kw 766) (“de Jonge”)
c) DE JONG-kwartier (Friesland)
- Wijbe 1537.
Ouders van: Minne Wybes (kw 768)
- Petrus Rudolphi, doop Leeuwarden 7-6-1618, ovl 14-1-1658, 39j oud, fiscaal aan de Universiteit te Franeker, tr 10-11-1644 met
- Sake Scheltis Valckenburch (Saskia, Falkenburg), ovl 4-1-1688 (?)
Burgerboek Franeker 1642 Vermeld: Petrus Rudolphi, procureur postulant. Datum: november 1642 Geboren te Leeuwarden
In doopregister Hervormde Gemeente Franeker alleen doop 19-7-1657 vermeld van een dochter Gerritie uit huwelijk van Petrus Rudolphi (naam moeder niet vermeld). Doop- en trouwboeken van HG Franeker zijn vanaf 1650 bewaard. Trouwdatum van Petrus en Saskia kennen we dankzij trouwboek van de naburige HG Schalsum dat vanaf 1636 is bewaard. Schalsum meldt bevestiging van het huwelijk 10-11-1644, met achter beider namen “afkomstig van Franeker”. Waarom de twee in Schalsum trouwen, moet nog worden verklaard.
Ouders van: - Rudolphus Petri (kw 824), waarschijnlijk geboren vlak voor 1650. Doopregister Franeker begint per 1650. Volgens begraafregister Martinikerk is hij overleden 21-9-1706, 56j oud. - Gerritje Petri, doop Franeker 19-7-1657, verder geen vermeldingen.
- Johannes Petri Bechius, geb 30-6-1613 te Leeuwarden, predikant te Oosthem, “schoonzoon van Tjamme Gerrits, is beroepen van Haskerhorne, geapprobeerd 10-11-1640”, ovl 1-12-1664 te Oosthem, 51j oud, trouwt 20-2-1636 te Leeuwarden, hij 22, zij 18, met
- Titia Tammeri Baerdt, geb 23-10-1617 te IJlst, ovl 16-6-1663 te Oosthem, 45j oud.
Ouders van: Aurelia Bechius (kw 825). Aurelia is 17 jr oud, als haar ouders te Oosthem overlijden. Zij vertrekt naar Britsum (Leeuwarderadeel) waar tante Jancke Tammeri BAERDT dan woont, gehuwd met predikant Petrus Antonius Petri.
De RK-kerk te Oosthem bracht voor de overgang naar de Hervormde richting 120 goudguldens per jaar op en het vicarisschap 85 goudgulden (bron: van der Aa). Dat was relatief behoorlijk. De Hervormde prediker Feito Riords kwam al in 1565 naar Oosthem en leidde de overgang. De Hervormde gemeente Oosthem-Abbega-Folsgare, met drie kerkgebouwen, was in de eerste Hervormde eeuw geen slechte start voor een jonge predikant. Ook de rijke boeren verlieten de RK-kerk. Stamgrootvader Johannes Petri Bechius werd er de derde predikant na “Hervormer” Feito Riords (Ruurds) die in 1593 naar Woltersum (Groningen) vertrok.
Op de voor die tijd gebruikelijke manier werd de naam van Jan Pyters in zijn studententijd verlatiniseerd. Waarom de toevoeging BECHIUS aan zijn naam? Daarvoor geen passende verklaring.
- Rommert Bauckes, geb ca 1610 te Lekkum (Leeuwarderadeel FR), in 1640 vermeld als boer (huisman) te Huizum (bij Leeuwarden), ovl ca 1656 aldaar, gehuwd (ca 1645?) met
- Auck Jans, geb te Pylkwier onder Huizum, ovl ca 1662 te Huizum, zij tr (2) in 1656 met Bocke Wybrens.
Ouders van: Bauke Rommerts (kw 828)
De gegevens zijn schaars. Mogelijk nog andere bronnen te vinden. De zoon Bauke geboren Huizum ca 1650 trekt op jonge leeftijd, na overlijden van beide ouders, weg uit Huizum/Pylkwier. We vinden hem rond 1685 terug in Witmarsum (Wonseradeel FR) waar hij trouwt en als lakenkoper en bakker een redelijk gegoede middenstander wordt.
- Ulbe Douwes, geb ca 1635, ovl voor 1674 te Witmarsum, trouwt 18-11-1655 te Bolsward met
- Ymck Lolles, geb ca 1635 (Exmorra?), ovl 1701 te Witmarsum.
Ouders van: Antje Ulbes (kw 829)
1660. Broer Pytters, geb ca 1638, trouwt voor 1659 met 1661. Trijntje Sjoerds, ovl voor 1676 te Witmarsum
Ouders van: Sybren Broers (kw 830)
PRO MEMORIE: Stemkohier 1698 Oosterlittens (Baarderadeel) Stem nr. 23, groot 96 pondematen. Zakelijk gerechtigden: Matheas Pyters te Grouw, eigenaar, Doeckle Ulbes te Witmarsum, eigenaar van 8 ¾ pondematen, Laes te Schraard, eigenaar van 3,5 pondematen (Opm. Bewindvoerder: bijzitter Hoitinga), Jan Lieuwes kind te Makkum, eigenaar van 3,5 pondematen (Opm. Bewindvoerder: bijzitter Hoitinga), Broer Pyters kinderen, eigenaar (Opm. Bewindvoerder: Hylcke Ymes), Doeckle Pyters te Grouw, eigenaar, Rinse Jacobs te Akkrum, eigenaar, Sybren Broers te Witmarsum, eigenaar van 7 pondematen, Schrijver Ulbe Idsardi te Leeuwarden, eigenaar van 28 pondematen, Ulbe Sprongh te Franeker, eigenaar van 28 pondematen, Hylcke Ymes te Rauwerd, eigenaar, met vier familieleden, van 12 pondematen, Joucke Ulbes te Arum, eigenaar van 8 3/4 pondematen, Douwe Wybrens, gebruiker.
- Lolcke Ulbes, geb ca 1625 te Arum (Wonseradeel, FR), ovl te Dronrijp (Menaldumadeel, FR) 30-6-1692, trouwt voor 1665 met
- Bauck Lolckes, geb ca 1626 te Minnertsga (Barradeel, FR), ovl te Dronrijp 23-5-1681
Ouders van: Eelkjen Lolkes (kw 831), geb Dronrijp 27-11-1664, ovl Witmarsum voor 1728. Lolcke Lolckes HOMMEMA, ovl 8-2-1724 te Dronrijp, gehuwd met Sjoukjen Hessels (ovl 9-6-1723 te Dronrijp?), dv Hessel Lolckes HOMMEMA en Tjitske Baukes WYNIA (Tietje UNIA).
Lolcke en Bauck zijn achterkleinkinderen, langs verschillende lijnen, van Jan Hessels (kw 13300, 13306) en Eelcke Lolckes (kw 13301, 13307).
Volgens de overlijdensmeldingen hebben zij zich in het handelsdorp Dronrijp gevestigd. Zoon Lolcke blijft daar wonen en krijgt door huwelijk met een HOMMEMA-dochter die familienaam ook mee. Zijn schoonmoeder Tjitske WYNIA of UNIA is (onder meer) achterkleindochter van Frans Fockes UNIA, zoon van Focke Sybrandts UNIA en Rixt Doededr. Er is tussen Lolcke en Bauck heel verre verwantschap via Doede Gerrolts WALPERT en diens vader Gerrolt Minthies (kw 106392). Wanneer de WALPERTS bij de kwartierstaat horen. En dat is nog onzeker.
- Sybren (Sybrant) 1693. Ouders van: Claas Sybrens (kw 816), deze Claas ovl 21-3-1684, Langweer (Doniawerstal, Friesland) en posthuum vader van Claas Claessen (kw 408) – volgens voorlopige aanname.
- Claas 1695. Ouders van: Claaske Clases (kw 817)
- Isse (Ientse?) 1697. Ouders van: Roucke Isses (kw 818), Roucke gehuwd 1665 te Langweer.
- Joucke 1699.
Ouders van: Jouck Jouckes (kw 819), zij gehuwd 1665 te Langweer.
d) SCHIPPERS-kwartier (Friesland)
- Roeloff Jans, geb. ca 1615 te Rottum/SintJohannesga, trouwt ca 1640: 2025.
Uit dit huwelijk (minstens): Jan Roeloffs (vermeld 21-7-1662 te Rottum samen met zijn broer Michiel) Michiel Roeloffs (kw 1012).
- Lolcke Bonnes 2033.
Uit dit huwelijk: Bonne Lolckes, geb ca 1650 te Langezwaag (kw 1016).
Op 4-5-1665 trouwen voor de kerk zowel Taeb Tjallinghs en Freerck Harckes, beiden afkomstig van Oostermeerderveen, als Tjeerdt Tjallinghs en Siouck Romckes, hij afkomstig van Het Veen, zij van Deinum. Een gezamenlijke plechtigheid.
In sommige parentelen worden ook nog zonen Petrus, Willem en Rienk vermeld. Onduidelijk waar de auteurs van die parentelen zich op baseren. Geen doopmeldingen. Geen verdere info.
Suawoude stem 3 was in 1698 in gebruik door Bonne Harings en eigendom van Mevr. BAERD (voor ½) en Overste luitenant BOURICIUS (voor ½).
Bron: Marten Haijema (Yahoogroep 2-2-2002).
Kwartierstaat Schelling-Beekenkamp.
J.G.de Ridder pag 52: Na de stormramp van 1612 stelden de ‘voochden van Ter Heijde’ aan ‘Myne Heeren van de Reeckenmeester der Graeffelicheyt van Holland’, daartoe ondersteund door de ‘Scout ende Geregte’ van Monster, voor om tot behoud van de duinen en ter voorkoming van nieuwe rampen palen te slaan en die te betimmeren met ‘een houte scherm of schuttinge tegens den slach vant water of te hoge springvloeden.’ Tevens werd om beplanting met helmgras gevraagd van de nog overgebleven duinen. De kapel van Ter Heijde is rond 1600 verdwenen. De dwarse vissersbevolking moest daarna te Monster ter kerke, wat ze niet graag deed. Indruk bestaat dat de Heijers in belangrijke mate Doopsgezind waren (Wederdopers) en niet Hervormd volgens de “staatskerk”.
Genealogische website van Daan den Hengst.
Het dorp De Lier ontleent zijn naam aan een riviertje Liora (“helder water”?). Minstens in 985 wordt het dorpje (al) vermeld. Rond 1500 telde het ca. 250 inwoners, in 1632 stonden er 104 huizen en telde het dorp misschien ruim 400 inwoners. Voorouders Cornelis Vergoude en Lijntge Jans trouwden er in dat jaar. Het (roomskatholieke) kerkgebouw van De Lier werd 3-7-1572 tijdens een hevig onweer door de bliksem getroffen en brandde volledig uit, “alleen de muren en de pilaren bleven staan” (J.G.de Ridder, pag.161). In de periode erna gingen vrijwel overal in Holland de roomse kerken over in Hervormde handen, maar de jonge en kleine Hervormde gemeente van De Lier had geen geld om de kerk te herstellen. Opgemerkt mag worden dat Arent Dirckz DE VOS die in 1532 (rk-)pastoor van de Lier was geworden, zich tot een sterke voorstander van de Hervormingsideeën ontwikkelde. Hij werd onder het rk-bewind daarvoor op 30-5-1570 met wurgdood en verbranding op het Groene Zoodje (bij de Gevangenpoort) te Den Haag, samen met enkele lotgenoten, beloond. “Eerst in 1590 werd het koor weer opgebouwd, zodat men daarin kerkdiensten kon houden. Veertig jaar later pas restaureerde men de toren, zij het provisorisch.” Dat laatste vond dus plaats rond de tijd dat Cornelis en Lijntge er trouwden. Voor de volledige restauratie kreeg men toestemming de accijns op bier en wijn hiervoor te gebruiken. “De heffing werd opgebracht door de Lierse herbergiers en aanvankelijk ook door die uit de omliggende dorpen. Op elke ton bier bedroeg deze belasting één gulden en op elke stoop wijn drie stuivers. Uit de opbrengst van deze zgn. ‘toren-accijns’ werden obligaties gekocht. Eerst in 1715 werd deze belasting opgeheven.” Bepaald werd dat de toren vóór 1657 volledig gerestaureerd moest zijn. Maar omdat de toren nog los stond van de uitgebrande kerk was men (terecht) bang dat hij zou instorten door het luiden van de twee zware, in te brengen klokken, “gelijk voor weinige jaren in den Poeldijk geschied was”. Dus werd 11-2-1648 de restauratie van de kerk aanbesteed voor een bedrag van 10.000 gulden. Dat geld kon niet via de toren-accijns bij elkaar worden gebracht. Dominee Wilhelmus Hasius en ambachtsheer Adam Lockhorst wisten voldoende geldschieters te mobiliseren en in mei 1659 had De Lier eindelijk een volledig gerestaureerde kerk. Bij de plechtige ingebruikname hield dominee Hasius een preek over Psalm 84 vers 1 en 3.
Ook: Anselm, Ansum, Anghsom en Spronzen.
Buisman IV, pg 381.
Haar eerste man heette Arent Willemsz DRAIJER.
Kwartierstaat Van der Krogt.
COREN: zijn nakroost draagt de naam VERKOORN of VERKOREN. In kwartierstaat van Kim Dijkxhoorn wordt hij Ijsbrant Corneliszn COREN (ZEEMAN) genoemd. Beroep lijndraaier.
Blankenburg, op het (voormalige) eiland Rozenburg, aan de mond van de Maas.
Een mogelijkheid is dat predikantenproblemen in de universiteitsstad Franeker (met theologische faculteit) een rol speelden. De dominee Rudolf Artopaeus had er in 1617 wegens onmin met collega’s al het veld moeten ruimen. Zijn opvolger Fokko Johannis werd in 1643 wegens verzwakkking van zijn verstandeliijke vermogens (Wumkes) met emeritaat gestuurd en deels al vervangen door universiteitstheologen en per 25-9-1642 definitief door Hajo Johannes Walkens, een kandidaat uit Groningen. Deze kwestie kan hebben gespeeld in het besluit van Petrus Rudolphi, aan de universiteit verbonden, om zich niet door Walkens te laten trouwen. We weten het niet. De keuze voor Schalsum kan ook een andere verklaring hebben. Te Schalsum was in 1644 Henricus Nicolaï Brouwer de nog vrij jonge dominee, er in 1636 als kandidaat beroepen en op 16-2-1675 na dienstverband van bijna 39 jaar op 68-jarige leeftijd overleden. Of Petrus en dominee Henricus elkaar van de universiteit goed kenden, mag niet worden uitgesloten. Dit zou de keuze voor Schalsum nog verder kunnen verklaren.
Oosthem = dorp in Wymbritseradeel, aan de Wymerts-stroom (Bolswardervaart), ten ZW van Sneek.
Er is geen aanwijsbaar (familiaal) verband gevonden tussen hem en de latere BEKIUS-predikantenlijn die stamt van de Leidse predikant en hoogleraar Johannes BEEK (Bekius). Laatstgenoemde was tijdgenoot van Johannes Petri BECHIUS, wiens dochter Aurelia BECHIUS na overlijden van haar ouders onderdak vond bij haar oom en tante, domineesechtpaar te Britsum. Oom Antonius Petri overlijdt te Britsum in 1672. Toevalligerwijs wordt Benjamin BEKIUS in 1686 predikant te Britsum, waar hij tot zijn dood in 1733 dominee zal blijven. Deze Benjamin is zoon van de Leidse predikant. Geen familie van Aurelia.
— Dat haar vader in studententijd toenaam BECHIUS ging gebruiken: naar de “beek” (Vliet) te Leeuwarden?