Jan Wolters Van der Hoek (1909-1945)
JAN WOLTERS VAN DER HOEK (1909-1945)
Uit het huwelijk van Bonne Van der Hoek (1875-1943) en Neeltje Roem (1871-1937) werden zes kinderen geboren. Allen te Naaldwijk. Eerst de dochters Hiltje, Antje en Janna, daarna de zoon Willem (30 april 1906) en de dochter Willemien. Als laatste kind en tweede zoon volgde Jan (7 januari 1909).
Vader Bonne is 33 en moeder Neeltje 37 jaar wanneer zoon Jan wordt geboren. OK, Bonne is vrijwel 34. Jan wordt geboren op de dag voor Bonnes 34ste verjaardag.
Bijzonder is dat de nieuwe vader naar het Naaldwijkse gemeentehuis gaat en de baby een dubbele voornaam geeft: Jan Wolters. Naar Bonnes vader dus en met de patroniem-s. De ambtenaar te Naaldwijk schrijft Jan ook zo in in het register van de Burgerlijke Stand.
Scholing en beroep
Jan Wolters is net 7 wanneer het gezin van Naaldwijk verhuist naar Heerenveen (FR). Hij doorloopt daar de lagere school (School met den Bijbel) en daarna “de Mulo”. Dit alles met goed gevolg. Op 10 en 11 juni 1925 doet hij eindexamen M.U.L.O. en op 23 juli 1925 mag hij het Diploma A in ontvangst nemen. Op het (bewaard gebleven) diploma staat ‘Jan Wolters Van der Hoek’, op de cijferlijst ‘Jan Wolter Van der Hoek’.
Eindexamencijfers geven geen volledige indicatie van iemands talenten. Jan kreeg een 9 voor geschiedenis, een 8 voor natuurkunde, voor handelskennis en voor algebra, een 7 voor aardrijkskunde. Prachtige resultaten. Er tegenover staan zessen voor plant- en dierkunde, voor Duits en voor Engels. Vijven voor schrijven, voor Nederlands en voor Frans. Maar bedenk, in die tijd gold een 5 nog als voldoende. Dat werd later anders. De onvoldoende, een 4, betreft meetkunde - een vak dat tegenwoordig, volgens mij, niet meer wordt onderwezen. Jan was geslaagd.
Hij was 16 toen hij het diploma in zijn zak kon stoppen. Waarschijnlijk is hij daarna meteen aan het werk gegaan. Hoe en waar weet ik niet. Het zal “op kantoor” zijn geweest, misschien al als beginnend ambtenaar in overheidsdienst (belastingkantoor te Heerenveen?). Jongste klerk of zoiets.
Zeker is wel dat hij op zijn 18-de of 19-de moest “opkomen voor zijn nummer”. In militaire dienst dus. Zijn drie jaar oudere broer Willem was niet opgeroepen of werd op het gegeven moment afgekeurd (ogen, lichamelijke conditie, onmisbaarheid? - we weten het niet).
Jan Wolters werd wèl opgeroepen. Zijn Mulo-diploma, of andere toevallig-heden, zorgde ervoor dat hij in de kaderopleiding Militaire Administratie terecht kwam. Die doorliep hij met succes. Jan werd onderofficier en na afzwaaien uit militaire dienst benoemd tot (reserve-) Opperwachtmeester Militaire Administratie. Zeker is dat hij met deze achtergrond, tijdens de crisisjaren van begin dertig vorige eeuw, direct een aanstelling vond bij de Rijksbelasting-dienst. Eerst te Stadskanaal in de provincie Groningen. Daar moet hij dus een tijdje gewoond hebben.
In 1933 vinden we hem weer terug in Heerenveen en omgeving. Jan is dan 24 jaar. Of hij toen al op het belastingkantoor te Gorredijk in dienst kwam of eerst nog te Heerenveen en daarna te Gorredijk, kan nog worden onderzocht.
Huwelijk in 1939 met Mintje Hieminga uit Benedenknijpe
Jan is 30 wanneer hij trouwt. Hij werkt dan op het belastingkantoor te Gorredijk.
De bruid is Mintje Hieminga die in de Knijpe woont. De huwelijksreceptie vindt 24 januari 1939 te Knijpe plaats en de kerkelijke bevestiging donderdag 26 januari 1939 in de Gereformeerde Kerk te Knijpe (dominee D. Middelkoop). Het lijkt erop dat Jan een hele week heeft vrij genomen voor dit gebeuren. De volgorde van eerst receptie en daarna trouwen in de kerk lijkt inventief. Het is de volgorde die op de trouwkaart staat vermeld.
Bij het feest in de Knijpe vinden voordrachten plaats. De tekst van één van deze voordrachten is opgeschreven en bewaard gebleven. De tekst was in de vorm van een quasi-krantenbericht. Het was ook alsof de voordrager er de krant bij haalde want de tekst is geplakt op de achterkant van krantenpapier. Het aanwezige publiek zag dus krantenpapier (krant van 23 januari 1939).
Waarschijnlijk waren tekst en voordracht afkomstig van broer Willem. Maar gezien het handschrift en de stijl is niet uit te sluiten dat vader Bonne deze bijdrage maakte. Ik houd het op het eerste, maar het tweede is bijna even waarschijnlijk.
Receptievoordracht 1939
Men schrijft ons uit Heerenveen
't Is eindelijk aan onzen ijverigen burgemeester mogen gelukken de hand te leggen op een individu, dat reeds sedert lang ons dorp en omgeving onveilig maakte en aan velen angstige dagen bezorgde. Reeds lang had men vermoeden op een zekere Jan.W.vd Hoek, doch voldoende bewijzen ontbraken, daar genoemde persoon zich steeds zeer netjes gedroeg, schijnbaar ernstig en degelijk leefde en zich zoo onschuldig kon voordoen dat niemand vat op hem kon krijgen. En toch evenals alle sluwe misdadigers gaf ook hij zich een enkel oogenblikje bloot, en dat bracht hem ten val. Ziehier hoe 't geval zich toe droeg. Ongeveer vier jaar geleden kwam genoemde vd Hoek op een goeden avond in het huis van de fam.Hieminga en stelde zich daar heel deftig voor. vd Hoek wist zich hier zóó aangenaam voor te doen, en nam de fam. zóó voor zich in, dat een uitnoodiging om nog eens terug te komen, niet uitbleef. Helaas, dat kwam hen later duur te staan. Voor vd Hoek was nu echter het doel van zijn bezoek bereikt. 't Behoorde bij zijn taktiek zich bij de fam.Hieminga in te nestelen om dan als de kans schoon was zijn slag te slaan. En die kans kwam en 't gevolg er van was, dat de dochter van Hieminga op zekeren dag, tot haar schrik bemerkte dat zij haar hart kwijt was. Nu was 't heele huis op stelten. Vermoeden viel dadelijk op genoemde vd Hoek. Doch bewijzen ontbraken. Wel wist bedoeld meisje, dat een paar dagen geleden, toen vd Hoek weer op bezoek was, hij reeds pogingen had aangewend om haar genoemd kleinood te ontfutselen, maar hoe dit te bewijzen? Goede raad was duur, men ging op onderzoek uit, verzamelde van alle zijden bewijsmateriaal en eindelijk werd de snoode misdadiger zoo in de engte gedreven, dat hij ten einde raad zich voor 14 dagen geleden bij onzen burgemeester kwam aanmelden. Zonder eenig teken van berouw werd door hem bekend, dat hij het hart van Minnie Hieminga had gestolen, en verstokt zondaar als hij is, voegde hij er met een lachend gezicht er bij, dat hij niet van plan was het gestolene terug te geven. Van één en ander werd door onzen burgemeester proces verbaal opgemaakt en beschuldigde naar de openbare terechtstelling verwezen, welke zal gehouden worden op 26 Jan. men vermoedt dat de beklaagde levenslang zal krijgen. Verder meld men nog: Onder groote belangstelling werd hedenmorgen in openbare terechtzitting de ruchtmakende zaak inzake de diefstal van het hart van M.Hieminga behandeld. Er waren verschillende getuigen opgeroepen uit welker getuigenis duidelijk bleek, dat bekl. schuldig was aan hartenroof, ook uit de verklaring van bekl. zelf bleek duidelijk dat hier met voorbedachte rade en opzettelijk was misdaan. Bekl. toonde in 't minst geen berouw, wat den voorzitter der rechtbank aanleiding gaf hem nog eens ernstig over zijn misdrijf te onderhouden. Hoogstwaarschijnlijk, mede tengevolge van zijn houding werd bekl. tot levenslang veroordeeld. Daar M.Hieminga ook niet vrijuit gaat, wegens aanleiding geven tot bovengen.misdrijf werd zij veroordeeld Jan vd Hoek levenslang gezelschap te houden.
Leuk. De krant (23 januari 1939) die bij de grap wordt gebruikt meldt o.a. FIETSERS LICHT OP voor de volgende dag: van ‘s avonds 4.58 uur tot ‘s morgens 7.24 uur. Zo’n melding tref je tegenwoordig (2001) niet meer aan. Verder meldt dit krantenexemplaar over het laatste nieuws betreffende de Spaanse Burgeroorlog.
De nationalisten (Franco) proberen de verbindingen van Barcelona met Frankrijk te verbreken. 'Het nationalistische hoofdkwartier noemt de jongste operaties een nieuwe faze in het Catalaansche offensief, dat tot een instorting der republikeinsche verdedigingslinies heeft geleid. Overal wordt het front naar zwakke punten afgetast; zijn deze gevonden, dan doen kleine afdelingen aanvallen en pas als deze slagen, volgt de hoofdmacht, zoodat de verliezen der nationalisten zeer gering zijn.' Ook lezen we in de krantendelen dat Rublee een onderhoud heeft gehad met Goering 'over de voortzetting van de besprekingen aangaande Joodsche emigratie uit Duitschland' en dat op de avond van de 23ste de Engelse minister-president Chamerberlain een radiorede zal houden 'waarmee de campagne wordt geopend voor de aanwerving van leden voor den Engelschen nationalen vrijwilligen dienst'. In Japan maken parlementsleden zich bezorgd over de internationale toestand (Japan was China binnengevallen).
Hoewel de internationale politieke toestand woelig was, zal men bij de huwelijksreceptie van 24 januari 1939 in het Friese dorpje De Knijpe niet gedacht hebben aan een snelle komst van een Tweede Wereldoorlog waarin ook Nederland bezet zou raken. Of aan de mogelijkheid dat bruidegom Jan Wolters zes jaar later dood zou raken aan die oorlog. En het nog te vormen gezin, zonder Jan, tien jaar later naar Canada zou wegvluchten. Maar dit gebeurde.
Negen maanden later viel Duitsland onder Hitler buurland Polen binnen. Dat werd het formele begin (achteraf) van de Tweede Wereldoorlog, omdat Frankrijk en Engeland dit niet over hun kant konden laten gaan, vanwege afspraken met de Poolse regering. De rest is bekend. Op 10 mei 1940 trokken Duitse legers ook Nederland binnen en een bezettingstijd van vijf jaar volgde.
Gezin van Jan & Mintje
Jan was werkzaam op het belasting-kantoor te Gorredijk en had daar ook een woning gevonden. Het jonge paar ging wonen op het adres Molenwal 154 te Gorredijk.
Toen ik bijna 20 jaar later als scholier bijverdiende met broodrijden voor Bauke Hoekstra deed ik vaak de rit langs de huizen aan de zuidkant van Benedenknijpe langs de vaart (de Schoterlandse Compagnonsvaart die op dat stuk sindsdien is gedempt). Een behoorlijk lastige rit want het ging om een smal pad met hoge bruggetjes (berten) erin. Gelukkig voor mij was Bauke nooit al te actief geweest met klantenwerving aan de berten-kant. Vanaf de Woudsterbrug een eindje en niet al te ver. Aan de berten-kant kwam ik in aanraking met twee oudere vrouwen die directe familie waren van Mintje Hieminga. Ze woonden in het eerste huisje na de eerste wijk/veensloot oostelijk van de Woudsterbrug. Ze kochten nooit erg veel (halfje, beetje koek), en nadar ze door hadden dat ik een oomzegger van Jan Wolters Van der Hoek was gingen ze hun aankopen ook niet vergroten. Wel hoorde ik van hen dat ze oom Jan altijd een pronte kerel vonden. Een mooie jongen. Hij fietste vaak aan de overkant van de vaart naar zijn werk. Ik was 15 of 16 toen en vroeg niet om verdere gegevens.
Uit het in januari 1939 gesloten huwelijk tussen Jan Wolters Van der Hoek en Mintje Hieminga worden vier kinderen geboren:
Jan (geboren 8 november 1939 te Gorredijk) Neeltje (geboren 22 juni 1941 te Oosterwolde) Klaske (geboren 22 september 1942 te Oosterwolde) Minny (geboren 20 juli 1945 te Oosterwolde).
Voorzover er van directe vernoemingen sprake is mag Mintje beginnen: Jan naar grootvader Jan Hieminga (na 1947 overleden te Steenwijk) Neeltje naar grootmoeder Neeltje Roem (in 1937 overleden te Heerenveen) Klaske naar grootmoeder Klaaske van der Laan (overleden 1 april 1942 te Beneden-Knijpe) Minny, vijf maanden geboren nadat vader Jan Wolters door de Duitsers was opgepakt en in Nacht und Nebel verdween; Mintje vernoemt de derde dochter (bezwerings-methode?) naar zichzelf en andere grootmoeder.
Wanneer dochter Minny wordt geboren is vader Jan Wolters al ruim twee maanden dood. Maar niemand weet daar nog van. De onduidelijkheid blijft een aantal jaren bestaan.
Opgepakt door de Duitse bezetters
De enige duidelijkheid is dat Jan in februari 1945 wordt gearresteerd. Volgens het door mij herinnerde verhaal gebeurde dat te Oosterwolde en na ruzie met een collega op het belastingkantoor die hem vervolgens aan de Duitsers “verlinkte”. Ik heb het idee van een vechtpartij op kantoor in het hoofd, maar dat idee kan gevormd zijn in mijn kinderbrein van toen, na sussende opmerkingen van moeder en/of vader. Zeker is wel dat over de kwestie in aanwezigheid van ons kinderen nooit een duidelijk verhaal is verteld. Terwijl vader Willem als enige broer van Jan voogd werd over de kinderen uit het huwelijk van Jan en Mintje.
Pas veel later (boekenmarkt 5 augustus 2001 te Deventer) kwam ik een uitgebreid rapport tegen over het verzet in Friesland tijdens de tweede wereldoorlog dat in 1953 in boekvorm werd gepubliceerd. In dat boek staat J.W.Van der Hoek, ambtenaar Rijksbelastingen, geboren 7-1-1907 (dat is fout, moet 7-1-1909 zijn) als omgekomene vermeld. Uit ditzelfde rapport is af te leiden dat in Friesland de belastingdienst een cruciale rol speelde in het verzamelen van fondsen om in eerste instantie de gezinnen te ondersteunen van mannen die voor Arbeitseinsatz in Duitsland werden weggehaald. De fondsen kregen algauw een bredere bedoeling: hulp aan onderduikers en ondergronds verzet.
Toen vanaf herfst 1944 (zuid-Nederland was al bevrijd) aan de kant van de Duitse bezetting de criminele groepen zich in noord-Nederland concentreerden, werd de jacht op “tegenwerkers” genadelozer. Te Heerenveen op Crackstate (het hoofdkwartier van de SS in zuid-Friesland) kwam zo’n criminele groep terecht die de hele terugtocht vanuit Frankrijk al had moeten beleven. Een groot deel van die groep bestond niet eens uit Duitsers, maar uit Belgen, Tsjechen etc. die met de Duitsers hadden meegevochten. En nu in de streek rond Heerenveen nog een laatste verhaal gingen maken.
Jan Wolters kwam in februari 1945 (Heerenveen werd 15 april 1945 door de Canadezen van Duitsers bevrijd) in de gevangenis op Crackstate terecht. Als lid van de belastingverzetsgroep? Hij werd zwaar gemarteld en gebroken. Alsnog zelfs naar het SS-hoofdkwartier te Groningen getransporteerd en vervolgens met de trein naar Hamburg (DTSL). Het gebeurde tijdens de laatste weken van de Tweede Wereldoorlog. Er is geen administratie van. Ik herinner me het verhaal over iemand die met Jan dit transport meemaakte en er in de buurt van Hamburg aan kon ontglippen (de Amerikaanse legers waren al vlakbij). Ook Jan kon aan die ontsnapping meedoen. Maar hij had er de kracht niet meer voor.
Uiteindelijk, in 1947, twee jaar na datum, is op gezag van het Rode Kruis aangenomen dat Jan Wolters Van der Hoek (1909-1945) in het kamp bij Ludwigslust is gestorven. Rond 13 mei 1945, dus nadat dit kamp door het Amerikaanse leger op 2 mei 1945 werd “bevrijd”.
Wöbbelin
Wanneer de Rode Kruis-conclusie van destijds “omgekomen te Ludwigslust” ongeveer juist is, kan worden aangenomen dat Jan, vanuit de martelarij te Heerenveen al vreselijk kapot, in de laatste oorlogsweken nog tot voorbij Hamburg werd af-getransporteerd. Bij Hamburg was het al jaren beruchte concentratiekamp Neuengamme gevestigd. Vanaf begin 1945 werd begonnen dit kamp te “legen”. De Duitsers hanteerden daarvoor meest lugubere methoden, zoals bekend. Jan kwam aan op een moment dat voor gevangenen zoals hij doortransport werd toegepast. Vanaf 12 februari 1945 werd bij het dorpje Wöbbelin, een dertigtal kilometers oostelijk van Hamburg, en op een wegenknooppunt direct ten noorden van Ludwigslust, een satellietkamp voor Neuengamme ingericht. Volgens de achteraf-inschatting van het Rode Kruis zou Jan uiteindelijk in dit kamp zijn terecht gekomen. Het werd 2 mei 1945 door de Amerikanen bevrijd (daar zijn treurige foto’s van - te Wöbbelin is een monument en museum) en een veldhospitaal werd opgericht. Dit heeft Jan niet meer kunnen redden. Opgemerkt moet worden dat zijn overlijden (ca. 13 mei?) niet is geregistreerd. Hij kon zijn naam misschien al niet meer uitspreken.
⎫Officiële doodsverklaring en wat erna
Per 1 oktober 1947 wordt “officiëel” door instanties in Nederland aangenomen dat Jan Wolters nooit meer terugkomt. Is overleden te Duitsland.
De voor weduwe Mintje belangrijkste instantie is natuurlijk de werkgever van Jan totdat hij verdween. De belastingdienst laat weten dat doorbetaling van het salaris “dat de erflater ten tijde van zijn hechtenisneming genoot” nu zal stoppen. “Op grond van de omstandigheid, dat erflater rijksambtenaar was, komt thans, nu het overlijden van erflater officieel vaststaat, aan de weduwe een weduwpensioen en aan de achtergelaten kinderen een wezenpensioen toe.”
Zo staat het in de akte die 23-12-1947 door Mintje Hieminga ten overstaan van de kantonrechter te Beetsterzwaag wordt ondertekend. De akte meldt ook:
De echtelieden Jan Wolters Van der Hoek en Mintje Hieminga, zijn op 26 januari 1939 te Heerenveen gehuwd in wettelijke algehele gemeenschap van goederen, wederzijds in eersten echt; dit huwelijk werd ontbonden door het overlijden van Jan Wolters Van der Hoek, welk overlijden is voorgevallen te Ludwigslust in Duitschland, omstreeks 13 mei 1945, van welk overlijden de nagelaten betrekkingen pas veel later officieel kennis hebben gekregen.
Toen was vastgesteld dat Jan “was overleden” kon de erfenis worden verdeeld. Mintje en ieder van de 4 kinderen hadden recht op een vijfde deel. Er werd een nauwkeurig taxatie-rapport opgemaakt. In de lange lijst van bezittingen (met geschatte waarde) treffen we o.a. aan: 2 pers.eiken ledikant met spiraal 3 d.bed en beddegoed 2 nachtkastjes à 180 gulden 4 fauteuils m.pluche en salontafel à 145 gulden boekenkast met boeken à 75 gulden. Ook: O traploper à 7,50 gulden O wieg à 5 gulden O broodtrommel à 4 gulden O inmaakkruik à 2 gulden O strijkplank à 1 gulden.
Met 100 gulden aan geschatte contanten bij overlijden van de erflater komt de totale inventaris-taxatie uit op 1483 gulden. Een dikke 50.000 gulden in de bedragen van rond 2000.
Toen dit alles achter de rug was en Mintje officiëel als weduwe door het leven kon gaan, hertrouwde ze met (..) Kooistra en emigreerde ze vlak erna
(1948/1949) met kinderen naar Canada. Weg van Europa.
Willem Van der Hoek (1906-1961) die na 1945 als toeziend voogd voor het gezin van zijn broer had bemiddeld, was met die consequentie niet heel blij.
⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫⎫