A.6. Jan Wolters Van der Hoek (1909-1945)Convgegevens
A.6. JAN WOLTERS VAN DER HOEK (1909-1945)CONVGEGEVENS
JAN WOLTERS VAN DER HOEK was het zesde en jongste kind van BONNE VAN DER HOEK en NEELTJE ROEM. Hij werd op 7 januari 1909 in Naaldwijk geboren en kreeg als tweede naam het patroniem Wolters mee. De Naaldwijkse ambtenaar van de burgerlijke stand accepteerde de s achter Wolter. JAN WOLTERS werd volledig vernoemd naar zijn grootvader van vaders kant Jan Wolters (of Wouters) Van der Hoek (1835-1927).
JAN WOLTERS was rond 5 jaar oud toen het gezin naar Heerenveen verhuisde. Hij doorliep daar de lagere school. Hij deed eindexamen M.U.L.O. op 10 en 11 juni 1925 en mocht op 23 juli 1925 het Diploma A in ontvangst nemen. Op het diploma staat 'Jan Wolters Van der Hoek', op het lijstje van cijfers 'Jan Wolter Van der Hoek'.
De eindexamencijfers wekken de indruk dat Jan Wolters (het cijfer 5 was toen nog voldoende) duidelijke voorkeuren had. Voor de talen twee 5-en, Nederlands en Frans, en twee 6-en, Duits en Engels. Voor schrijven een 5. Voor meetkunde slechts een 4, voor algebra een 8. Voor plant- en dierkunde een 6, maar voor natuurkunde een 8. Voor aardrijkskunde een 7, voor handelskennis een 8 en voor geschiedenis zelfs een 9.
Net als zijn oudere broer Willem ging Jan Wolters 'op kantoor' werken. Anders dan broer Willem werd hij wel als dienstplichtige voor de militaire dienst opgeroepen. Dat was rond 1930. Hij werd in de kaderopleiding bij de militaire administratie geplaatst wat hem de rang van Opperwachtmeester Administratie na afzwaaien opleverde. Dat hielp hem goed om in de burgermaatschappij een functie te vinden bij de Belastingdienst. Eerst in Stadskanaal, maar tijdens 1933 (hij was toen 24 jaar oud) in Heerenveen en omgeving.
A.6.1. Huwelijk met MINTJE HIEMINGA
JAN WOLTERS trouwt wanneer hij 30 is met MINTJE HIEMINGA uit Knijpe. De receptie vindt plaats op 24 januari 1939 te Knijpe en de kerkelijke bevestiging op donderdag 26 januari 1939 in de Gereformeerde Kerk te Knijpe (ds.D.Middelkoop). Het jonge paar ging wonen te Gorredijk, aan de Molenwal 154. Want Jan was inmiddels op het belastingkantoor te Gorredijk gaan wonen. Op zijn fietstochten tussen Heerenveen en Gorredijk kwam hij door het dorpje Knijpe en langs het huis van Mintje.
Bij het feest rond het huwelijk werd o.a. de volgende tekst gedeclameerd, waarschijnlijk door vader Bonne, misschien broer Willem. De velletjes zijn bewaard gebleven, geplakt op stukken krantenpapier (krant van 23 januari 1939), want het moest lijken alsof het om een krantenbericht ging. De tekst was als volgt:
" Men schrijft ons uit Heerenveen
't Is eindelijk aan onzen ijverigen burgemeester mogen gelukken de hand te leggen op een individu, dat reeds sedert lang ons dorp en omgeving onveilig maakte en aan velen angstige dagen bezorgde. Reeds lang had men vermoeden op een zekere Jan.W.vd Hoek, doch voldoende bewijzen ontbraken, daar genoemde persoon zich steeds zeer netjes gedroeg, schijnbaar ernstig en degelijk leefde en zich zoo onschuldig kon voordoen dat niemand vat op hem kon krijgen. En toch evenals alle sluwe misdadigers gaf ook hij zich een enkel oogenblikje bloot, en dat bracht hem ten val. Ziehier hoe 't geval zich toe droeg. Ongeveer vier jaar geleden kwam genoemde vd Hoek op een goeden avond in het huis van de fam.Hieminga en stelde zich daar heel deftig voor. vd Hoek wist zich hier zóó aangenaam voor te doen, en nam de fam. zóó voor zich in, dat een uitnoodiging om nog eens terug te komen, niet uitbleef. Helaas, dat kwam hen later duur te staan. Voor vd Hoek was nu echter het doel van zijn bezoek bereikt. 't Behoorde bij zijn taktiek zich bij de fam.Hieminga in te nestelen om dan als de kans schoon was zijn slag te slaan. En die kans kwam en 't gevolg er van was, dat de dochter van Hieminga op zekeren dag, tot haar schrik bemerkte dat zij haar hart kwijt was. Nu was 't heele huis op stelten. Vermoeden viel dadelijk op genoemde vd Hoek. Doch bewijzen ontbraken. Wel wist bedoeld meisje, dat een paar dagen geleden, toen vd Hoek weer op bezoek was, hij reeds pogingen had aangewend om haar genoemd kleinood te ontfutselen, maar hoe dit te bewijzen? Goede raad was duur, men ging op onderzoek uit, verzamelde van alle zijden bewijsmateriaal en eindelijk werd de snoode misdadiger zoo in de engte gedreven, dat hij ten einde raad zich voor 14 dagen geleden bij onzen burgemeester kwam aanmelden. Zonder eenig teken van berouw werd door hem bekend, dat hij het hart van Minnie Hieminga had gestolen, en verstokt zondaar als hij is, voegde hij er met een lachend gezicht er bij, dat hij niet van plan was het gestolene terug te geven. Van één en ander werd door onzen burgemeester proces verbaal opgemaakt en beschuldigde naar de openbare terechtstelling verwezen, welke zal gehouden worden op 26 Jan. men vermoedt dat de beklaagde levenslang zal krijgen. Verder meld men nog: Onder groote belangstelling werd hedenmorgen in openbare terechtzitting de ruchtmakende zaak inzake de diefstal van het hart van M.Hieminga behandeld. Er waren verschillende getuigen opgeroepen uit welker getuigenis duidelijk bleek, dat bekl. schuldig was aan hartenroof, ook uit de verklaring van bekl. zelf bleek duidelijk dat hier met voorbedachte rade en opzettelijk was misdaan. Bekl. toonde in 't minst geen berouw, wat den voorzitter der rechtbank aanleiding gaf hem nog eens ernstig over zijn misdrijf te onderhouden. Hoogstwaarschijnlijk, mede tengevolge van zijn houding werd bekl. tot levenslang veroordeeld. Daar M.Hieminga ook niet vrijuit gaat, wegens aanleiding geven tot bovengen.misdrijf werd zij veroordeeld Jan vd Hoek levenslang gezelschap te houden. " Zoals hierboven gemeld was de toespraak geplakt op delen van de krant van 23 januari 1939. De krant meldt FIETSERS LICHT OP voor de volgende dag: van 's avonds 4,58 uur tot 's morgens 7,24 uur. Het is januari 1939 en de krant bericht o.a. over de laatste fase van de Spaanse Burgeroorlog: de nationalisten (Franco) proberen de verbindingen van Barcelona met Frankrijk te verbreken. 'Het nationalistische hoofdkwartier noemt de jongste operaties een nieuwe faze in het Catalaansche offensief, dat tot een instorting der republikeinsche verdedigingslinies heeft geleid. Overal wordt het front naar zwakke punten afgetast; zijn deze gevonden, dan doen kleine afdelingen aanvallen en pas als deze slagen, volgt de hoofdmacht, zoodat de verliezen der nationalisten zeer gering zijn.' Ook lezen we in de krantendelen dat Rublee een onderhoud heeft gehad met Goering 'over de voortzetting van de besprekingen aangaande Joodsche emigratie uit Duitschland' en dat op de avond van de 23ste de Engelse minister-president Chamerberlain een radiorede zal houden 'waarmee de campagne wordt geopend voor de aanwerving van leden voor den Engelschen nationalen vrijwilligen dienst'. In Japan maken parlementsleden zich bezorgd over de internationale toestand (Japan was China binnengevallen).
A.6.2. Kinderen van JAN en MINTJE
- JAN (geboren 8 november 1939)
- NEELTJE (geboren 22 juni 1941)
- KLASKE (geboren 22 september 1942)
- MINNY (geboren 20 juli 1945).
Jan en Mintje kregen een zoon, Jan, geboren te Gorredijk, en drie dochters. De drie dochters werden in Oosterwolde geboren. Jan en Klaske werden vernoemd naar de Hieminga-ouders (Jan Hieminga na 1947 overleden te Steenwijk; Klaaske van der Laan, overleden op 1 april 1942 te Beneden-Knijpe), Neeltje naar moeder Neeltje Roem. Minny kreeg de naam van haar moeder. De jongste dochter werd geboren toen haar vader al maanden zoek was. A.6.3. OPGEPAKT EN VERDWENEN
In september 1939 viel Duitsland Polen binnen en startte de Tweede Wereldoorlog. JAN WOLTERS was waarschijnlijk gemobiliseerd of wachtte, als reserve-opperwachtmeester, een oproep af toen zoontje Jan werd geboren. Een halfjaar later begon de Duitse bezetting van Nederland.
De geboorte van zijn vierde kind heeft JAN WOLTERS niet meer meegemaakt. Tegen het eind van de oorlog werd hij, eind-februari 1945, alsnog door de Duitsers gearresteerd. Volgens het overgeleverde verhaal omdat hij zich niet kon beheersen tegenover een collega die goede contacten met de Duitsers had. In ieder geval werd hij te Oosterwolde opgepakt en naar de gevangenis bij Crackstate te Heerenveen overgebracht. Daar heerste sinds 14 oktober 1944 een schrikbewind. R.Boltendal (De Heeren en de Anderen, 1983, pag.216): “Op die dag arriveerde in Heerenveen een groep moordenaars. Bij de nadering van de geallieerde legers waren zij, onder aanvoering van een vroegere Weense goudsmid, de SD-officier Kronberger uit de noordfranse stad Rijssel (Lille) gevlucht. De troep trok steeds verder naar het noorden. In Heerenveen bleven ze vooreerst. Kwartier werd gemaakt in een huis aan de Burgemeester Falkenaweg tegenover de Koornbeurs’ en in het kantoorgebouw vanZevenwouden’ aan de Van Maasdijkstraat. Het hoofdkwartier werd de miniatuer finzenis (…), in giel gebouw mei in tryst foarplein, in griene grêft en (al gauw) mitrailleursnêsten en lânminen yn’e blombêdden.’ Enige tijd na de komst van de groep - een samenraapsel van zo’n 40 man: Duitsers, Oostenrijkers, Tsjechoslowaken, Fransen, Belgen, een Pool, een Oekraiener - was het gebouw naast Crackstate een oord van onvoorstelbare verschrikking geworden:De nearzige sellen, oan wjerskanten fan de greate hall, wine foltroppe (…).’ Met ettelijke honderden gevangenen; verzetsmannen, onderduikers en anderen die onder verdenking stonden.’
Boltendal verder: Kronenberger en zijn trawanten, ondertussen nogversterkt’ met twee Nederlandse mensenjagers, hadden in het gebouw ook een martelkamer ingericht. De Rexisten, zoals men ze in Heerenveen noemde naar de Belgische misdadigers die er bij hoorden, hebben hun gevangenen daar met de afschuwelijkste mishandelingen meermalen, zij het soms pas na dagen, tot bekentenissen weten te brengen. Zo verschrikkelijk waren de beulsmiddelen dat verschillende opgeslotenen hebben geprobeerd zichzelf het leven te benemen. Alleen de huisarts Verdenius uit Noordwolde is het gelukt.’
In die terreur raakte JAN WOLTERS dus ook terecht. Hij moet vreselijk zijn toegetakeld. Boltendal: ‘In de vroege ochtend van 14 april (1945) bespeurde de tegenover de gevangenis wonende bakker Gerlof de Wolf wat ongewoons. Het leek erop dat de SD-ers verdwenen waren. Wat later besloten De Wolf en zijn knecht Hendrik Kooij de zaak eens van dichtbij te gaan bekijken. Hun vermoeden was juist en toen duurde het maar even meer voor alle celdeuren geopend waren.’ Helaas, JAN WOLTERS maakte die bevrijding niet mee. De Duitsers hadden hem nog op transport gezet. Per trein via Groningen naar Duitsland. En toen enkele weken later Duitsland capituleerde, was hij niet bij de mensen die terugkwamen.
JAN WOLTERS kwam niet terug toen de oorlog voorbij was. WILLEM VAN DER HOEK werd aangewezen als toeziend voogd over de minderjarige kinderen toen duidelijk werd dat JAN WOLTERS waarschijnlijk in Duitsland was gestorven. Naspeuringen via Het Rode Kruis leverden geen duidelijke gegevens op. Een gevangene van hetzelfde transport die in Hamburg van de trein wist te springen, meldde dat JAN WOLTERS, die hij kende, door de toetakelingen in Heerenveen al niet meer in staat was om aan de ontsnapping mee te doen. Een vermoeden van Het Rode Kruis was dat Jan zou zijn gestorven op het moment dat de Duitsers helemaal klem zaten en de gevangenen te voet gingen verplaatsen. Wie niet meekwam bleef aan de kant van de weg of werd neergeknald.
Per 1 oktober 1947 werd 'officiëel' vastgesteld dat JAN WOLTERS was overleden. De belastingdienst als werkgever had tot dan 'aan de overgebleven echtgenote nog betaling gedaan van het salaris dat de erflater ten tijde van zijn hechtenisneming genoot. Op grond van de omstandigheid, dat erflater rijksambtenaar was, komt thans, nu het overlijden van erflater officieel vaststaat, aan de weduwe een weduwpensioen en aan de achtergelaten kinderen, een wezenpensioen toe.'
Zo staat het in de akte die op 23 december 1947 door MINTJE HIEMINGA voor de kantonrechter van Beetsterzwaag werd ondertekend. Daarin staat ook:
'De echtelieden Jan Wolters Van der Hoek en Mintje Hieminga, zijn op 26 januari 1939 te Heerenveen gehuwd in wettelijke algehele gemeenschap van goederen, wederzijds in eersten echt; dit huwelijk werd ontbonden door het overlijden van Jan Wolters Van der Hoek, welk overlijden is voorgevallen te Ludwigslust in Duitschland, omstreeks 13 mei 1945, van welk overlijden de nagelaten betrekkingen pas veel later officieel kennis hebben gekregen.'
JAN WOLTERS zou volgens de aanname in de week na de capitulatie van Duitsland ergens langs de weg bij Ludwigslust zijn gestorven. De trein had hem via Groningen, Oldenburg, Bremen en Hamburg naar het oostelijk van Hamburg gelegen Ludwigslust (in Mecklenburg) gebracht.
A.6.4. INVENTARIS
In december 1947 moest formeel de erfenis worden verdeeld, waarbij weduwe MINTJE en ieder van de kinderen recht hadden op een-vijfde deel. De taxateur geeft een gedetailleerde weergave van de dingen in huis, variërend van 2 pers.eiken ledikant met spiraal, 3 d.bed en beddegoed, 2 nachtkastjes à 180 gulden, 4 fauteuils m.pluche en salontafel à 145 gulden en boekenkast met boeken à 75 gulden tot traploper à 7,50 gulden, wieg à 5 gulden, broodtrommel à 4 gulden, inmaakkruik à 2 gulden en strijkplank à 1 gulden. Met 100 gulden aan geschatte contanten bij overlijden van de erflater komt de totale inventaris-taxatie uit op 1483 gulden. Rond 50.000 gulden in 1999-guldens.
A.6.4. VERTREK NAAR CANADA
JAN WOLTERS verdween begin 1945 (36 jaar oud). Het duurde ruim 2,5 jaar voordat officiëel werd vastgesteld dat hij moest zijn overleden. Door de jonge moeder Mintje met haar 4 nog heel jonge kinderen moesten beslissingen worden genomen. Zoals vele anderen in die tijd trok ze weg uit de oorlogslanden. Ze ging een tweede huwelijk aan met (...) Kooistra en emigreerde naar Canada. In 1948/1949 waarschijnlijk.
Contacten met de VAN DER HOEK-familie in Nederland heeft ze daarna nauwelijks of niet onderhouden. Dit kan aan beide kanten gelegen hebben. Die kant kan verder worden onderzocht. Zoon JAN VAN DER HOEK werd in Canada onderwijzer bij het christelijk onderwijs. In ieder geval tijdens de jaren zeventig en begin jaren tachtig schoolhoofd in Vancouver. Meer recent verhuisd naar Edmonton en bij de onderwijsinspectie terecht gekomen. 8 november 1999 werd hij 60 jaar oud.
Mintje en de dochters bleven waarschijnlijk meer in het oosten van Canada wonen. Ik hoorde van een Minny Van der Hoek die getrouwd is/was met Henry Verburg, neef van een vriend van me die ook in Canada woont. Minny zei geen broer te hebben die Jan Wolter heet en dat kan wel kloppen want de zoon heet officieel alleen maar Jan.
JWVANDERHOEK (Nederland), nov.1999