Oudbetovergrootouders Van der Hoek-Lijn
OUDBETOVERGROOTOUDERS VAN DER HOEK-LIJN
INLEIDING
De helft van deze 16 oudbetovergrootouders is uit Zuid-Holland/Westland afkomstig is. De familienamen ROEM (via overgrootvader Willem Roem (1826-1907)) en VAN BEEK (via zijn echtgenote Antje van Beek (1832-1905)) zijn denkbaar, naast zes andere familienamen op OBOG-niveau. Maar op dat niveau, zie ook de geboortejaren van deze overgrootouders, was het gebruik van familienamen nog geen verplichting. Misschien werd alleen nog van wisselende patroniemen gebruik gemaakt. Naaldwijkse archieven zijn voor dit verslag niet geraadpleegd.
De andere helft van de 16 betovergrootouders in de “VAN DER HOEK”-lijn betreffen families die rond 1800 in het zuiden van Friesland (geheel of deels) woonachtig waren.
Op deze families kunnen we hierna wat verder ingaan.
Te noemen zijn de oudbetovergroot-echtparen: OBOG-1: Freerk Tammes Van der Hoek & Hendrikjen Wolters OBOG-2: Bonne Jans Bouwman & Lamkje Jelles Bakker OBOG-3: Johannes Kornelis Lukkes & (OBOGM-3) OBOG-4: Durk Eelkes Woudstra & Jacobje Wiebes van der Werf OBOG-5/8: Westlandse kant.
Van de 4 oudbetovergrootvaders Freerk, Bonne, Johannes en Durk hebben Freerk, Bonne en Durk zich bij de invoering van de Burgerlijke Stand in 1811 op de hen betreffende Mairie met kinderen in de familienaamregisters laten opnemen. Zij waren welzeker geldend gezinshoofd of aansprakelijke pater familiae. De vader van Johannes leefde nog en had voor de registratie “moeten” zorgdragen. Hij deed dat niet. Was ook rond 75 jaar op dat moment en vertikte het wellicht om aan de nieuwe frats, van de toenmalige Franse bezetter, mee te doen.
Feit is dat we de LUKKES-voorfamilie (mairie De Knijpe) in de naamregisters van 1811 niet tegenkomen. Oudbetovergrootvader Johannes Kornelis Lukkes, 1769-1829, was in 1811 ruim veertig jaar oud en met eigen gezin. Hij hield zich buiten genoemde registratie.